99 Luftballons

Sommige liedjes zing je gedachteloos mee, zonder echt meer stil te staan bij de songtekst of de periode waarin het een hit werd. Alsof het desbetreffende liedje zich heeft losgezongen van vroeger en een eigen leven is gaan leiden.

Je zou het dan ook bijna vergeten, maar de jaren tachtig stonden voor een groot deel in het teken van de Koude Oorlog. Ook muzikaal. Doe Maar zong over een dreigende nucleaire oorlog, Klein Orkest zong over de Muur. In Engeland liet Frankie Goes To Hollywood de Amerikaanse president Ronald Reagan en Sovjetleider Tsjernenko het in de clip van 'Two Tribes' tegen elkaar opnemen – en dat ging er behoorlijk heftig aan toe. En in Duitsland brak de 23-jarige Gabriele Kerner (beter bekend onder haar koosnaampje 'Nenan') wereldwijd door met een liedje over negenennegentig luchtballonnen.

Wie goed luistert, hoort er de paranoia in terug die het begin van het decennium zo kenmerkte. De basis voor '99 Luftballons' wordt gelegd op 8 juni 1982 als Nena-gitarist en tekstschrijver Carlo Karges een concert bijwoont van de Rolling Stones in de Waldbühne in het toenmalige West-Berlijn. Als onderdeel van de show wordt een grote tros ballonnen in het luchtruim opgelaten, die na verloop van tijd door de speling van de wind meer op een vreemdsoortig vliegtuig lijkt dan een verzameling gekleurde ballonnen.

Karges vraagt zich af hoe de soldaten aan de andere kant van de Berlijnse muur zullen reagteren als dat 'vliegtuig' het Oost-Duitse luchtruim binnendringt. De Koude Oorlog bereikt in 1984 haar hoogtepunt als Amerika en Rusland in een schijnbaar niet te stoppen wapenwedloop verzeild raken. '99 Luftballons' vertaalt Karges mijmering: hoe iets onschuldigs als een tros ballonnen een allesverwoestende wereldoorlog zou kunnen ontketenen. De wereld voelt mee en het wordt overal – in de Duits- én in de Engelstalige versie als '99 Red Balloons' – de hit die het gevoel van de Koude Oorlog het beste weergeeft.

(Uit: 'Top 2000 - tien jaar liedjes, lijstjes en verhalen', uitgeverij L.J. Veen, 2008. ISBN 978-90-204-2200-9. Enigszins aangevuld en herschreven.)

Araglin | Dinsdag 09 Februari 2010 at 12:43 am | Default | Reageer

Metal Machine Music

Lou Reeds 'Metal Machine Music' (1975) is geen album dat je opzet als je gezellig hutspot zit te eten met je vriendin. Sterker nog: ik kan eigenlijk nauwelijks een gelegenheid indenken waarbij deze lp volledig tot zijn recht komt - of je moet een geflipte seriemoordenaar zijn, op zoek naar een onderhoudend achtergrondmuziekje tijdens het uitbenen.

Het is nog altijd een groot raadsel wat Lou Reed precies voor ogen stond toen hij de dubbel-lp uitbracht: 64 minuten gevuld met... tja, herrie. De vier nummers (Metal Machine Music, deel 1 tot en met 4) bestaan uit overstuurde gitaarfeedback, zonder ook maar enige ontwikkeling of melodie. Het gepiep en geknars is weliswaar door Reed nog enigszins bewerkt, maar ligt nog altijd als een bonk rauw vlees in je maag. In de begeleidende tekst beweert Reed  de heavy metal te hebben uitgevonden en beschouwt hij 'Metal Machine Music' als het onvermijdelijke eindpunt van dat genre. ''This record is not for parties, dancing, background or romance'', zo waarschuw hij nog, mocht je denken dat het allemaal wel zal meevallen.

Het ligt voor de hand om het album te beschouwen als een grote grap, maar Reed zelf is bloedserieus – voor zover je dat kunt nagaan. In een interview met muziekjournalist Lester Bangs zegt hij inspiratie te hebben opgedaan bij klassieke symfonieën, waaronder Beethovens 'Eroica'. Sterker nog: sommige 'melodielijnen' (ahum) zouden zijn ontleend aan Beethoven en Reed heeft er naar eigen zeggen (tevergeefs) voor geijverd om 'Metal Machine Music' uit te brengen op Red Seal, het klassieke label van zijn platenmaatschappij RCA.

Bangs is een van de weinige recensenten die redelijk positief is over het album. In zijn essay 'How to Succeed in Torture Without Really Trying' (1987) schrijft hij: "as classical music it adds nothing to a genre that may well be depleted. As rock 'n' roll it's interesting garage electronic rock 'n' roll. As a statement it's great, as a giant FUCK YOU it shows integrity—a sick, twisted, dunced-out, malevolent, perverted, psychopathic integrity, but integrity nevertheless."  Anderen beschouwen 'Metal Machine Music' dan weer als een gewiekste zet van Reed om van zijn platencontract af te komen – iets dat hij overigens altijd heeft ontkend – of als een fiasco van ongekende proporties. Zo riep het Engelse muziekblad Q de lp in 2005 uit tot het op drie na slechtste album aller tijden.

Brian Eno verwoordde het bijzonder fraai en signaleerde opmerkelijk genoeg raakvlakken met de muziek waar hij destijds mee bezig was. In 1995 schreef hij in zijn dagboek: "Reed's Metal machine music was released the same week - twenty years ago - as Discreet Music. Discreet Music was soft, calm, melodic and reassuringly repetitive, without a single sound other than tape hiss about 1500 Hz, whereas MMM is as abrasive and unmelodic as possible, with almost nothing below - and yet they occupy two ends of what was at the time a pretty new axis — music as immersion, as sonic experience in which you float. The roots of Ambient."

'Metal Machine Music' is de geschiedenis ingegaan als een van de eerste noise- en industrial-albums, dat hoe je het ook wendt of keert, grote invloed heeft gehad op tal van (al dan niet experimentele) lawaaimakers als bijvoorbeeld Sunn O))), Merzbow en misschien ook wel Nine Inch Nails. En door (of beter gezegd: dankzij) alle ophef, zijn er alleen in Amerika een slordige 100.000 exemplaren van verkocht. Luister zelf: 'Metal Machine Music' (320 kbps, 140 MB - of via WeTransfer)

Araglin | Zaterdag 06 Februari 2010 at 12:20 am | Weird | Reageer
Gebruikte Tags: , ,

De nieuwe Neil (door: Frits Abrahams)

[Frits Abrahams schrijft dagelijks een column in NRC Handelsblad, die steevast het lezen waard is. Zijn column van woensdag 3 februari is echter briljant - ik had het zelf niet beter kunnen verwoorden!]

Interessant om te zien hoe een nieuwe hype wordt geboren. Een muzikale hype in dit geval. Hij heet Tim Knol en hij is twintig jaar.

Het begint met tafelheer Giel Beelen die in De Wereld Draait Door enthousiast iets van Knols popliedjes liet horen. Vijf dagen later mag Knol terugkomen om live een nummer te zingen. Gastheer Matthijs van Nieuwkerk noemt hem 'de nieuwe Neil Young'. De poprecensenten worden lyrisch (''Juweel van een debuut''), de zalen raken uitverkocht, de Volkskrant en nrc.next brengen grote artikelen. Vandaag, lees ik, presenteert hij zijn cd in een uitverkocht Paradiso.

Ik zoek de cd op internet op (bij ‘3voor12 Luisterpaal’) en luister er zo welwillend mogelijk naar, want ik houd nog altijd van dit type popmuziek: country-achtig, maar niet al te temerig. Ik hoor een jongen met een te vlakke stem te vlakke liedjes zingen, onopvallend qua melodie en tekst. Het nummer 'Music in My Room' steekt er ietsje bovenuit, maar dan hebben we het ook wel gehad.

De nieuwe Neil Young?

''Gad Almighty!!'' zou Daan Schuurmans als prins Bernhard nu uitroepen.

Die jongen moet nog beginnen. Wat we op de bewuste cd horen en bij Matthijs in de tv-studio erbij konden zien, is het verdienstelijke amateurwerk, goed voor een avondje in het jongerencentrum als er een beetje bij geblowd mag worden. Van jongens als Tim Knol lopen er honderden in Amerika rond en ze lijken muzikaal allemaal op elkaar. Ze treden op in bars en op straat, soms ook in Europa, ze verkopen hun zelfgemaakte cd’s en dan komen ze onderweg een leuk meisje tegen en worden ze huisvader met een nette baan.

[Frits Abrahams schrijft dagelijks een column in NRC Handelsblad, die steevast het lezen waard is. Zijn column van woensdag 3 februari is echter briljant - ik had het zelf niet beter kunnen verwoorden! ]

 

Interessant om te zien hoe een nieuwe hype wordt geboren. Een muzikale hype in dit geval. Hij heet Tim Knol en hij is twintig jaar.

 

Het begint met tafelheer Giel Beelen die in De Wereld Draait Door enthousiast iets van Knols popliedjes liet horen. Vijf dagen later mag Knol terugkomen om live een nummer te zingen. Gastheer Matthijs van Nieuwkerk noemt hem 'de nieuwe Neil Young'. De poprecensenten worden lyrisch (''Juweel van een debuut''), de zalen raken uitverkocht, de Volkskrant en nrc.next brengen grote artikelen. Vandaag, lees ik, presenteert hij zijn cd in een uitverkocht Paradiso.

 

Ik zoek de cd op internet op (bij ‘Luisterpaal’) en luister er zo welwillend mogelijk naar, want ik houd nog altijd van dit type popmuziek: country-achtig, maar niet al te temerig. Ik hoor een jongen met een te vlakke stem te vlakke liedjes zingen, onopvallend qua melodie en tekst. Het nummer Music in My Room steekt er ietsje bovenuit, maar dan hebben we het ook wel gehad.

 

De nieuwe Neil Young?

 

''Gad Almighty!!'' zou Daan Schuurmans als prins Bernhard nu uitroepen.

 

Die jongen moet nog beginnen. Wat we op de bewuste cd horen en bij Matthijs in de tv-studio erbij konden zien, is het verdienstelijke amateurwerk, goed voor een avondje in het jongerencentrum als er een beetje bij geblowd mag worden. Van jongens als Tim Knol lopen er honderden in Amerika rond en ze lijken muzikaal allemaal op elkaar. Ze treden op in bars en op straat, soms ook in Europa, ze verkopen hun zelfgemaakte cd’s en dan komen ze onderweg een leuk meisje tegen en worden ze huisvader met een nette baan.

Lees verder »

Araglin | Woensdag 03 Februari 2010 at 11:25 pm | Gastbijdrage | Reageer

Muziek voor luchthavens

Ergens in 1977, de luchthaven van Keulen. Brian Eno zat uitgeput op een plastic stoeltje, middenin de hal - net teruggekeerd van een bezoekje aan zijn vrienden Dieter Moebius en Hans-Joachim Roedelius, waar hij weken achtereen had gesleuteld aan meditatieve, verstilde elektronica. Vol verbazing en ergernis keek en luisterde hij naar de chaos om zich heen: de luid pratende mensen, de schreeuwerige omroepberichten en vooral de drukke achtergrondmuziek uit de speakers, die elk gesprek onmogelijk maakte.

Waarom, zo peinsde hij, moet er altijd van die drukke muziek worden gespeeld? Is het niet zinvoller om muziek te maken die weliswaar aanwezig is, maar toch ook weer niet? Hij noteerde deze gedachte in zijn notitieboekje en het daaropvolgende maanden sleutelde hij aan het album dat zou uitgroeien tot een mijlpaal in de muziekgeschiedenis: het prachtige 'Ambient 1: Music for Airports'.

Eno vervolmaakte de ideeën waarmee hij op bijvoorbeeld 'Another Green World' en 'Discreet Music' (beiden uit 1975) al had geëxperimenteerd en introduceerde eigenhandig een compleet nieuw genre, dat hij ook zijn naam gaf: ambient (afgeleid van het Latijnse werkwoord 'ambio', dat zoveel betekent als 'rondgaan'). 'Music for Airports' bevat vier (lange) tracks, die organisch rimpelen en schijnbaar achteloos en naadloos opgaan in de omgeving. Na verloop van tijd hoor je de muziek nauwelijks meer en merk je pas dat het nummer is afgelopen als het al een tijdje stil blijft... En tegelijkertijd: als je bewust luistert, hoor je hoe de muziek zich ontwikkelt en bijna 'ademend' door de ruimte golft. 

In tegenstelling tot 'muzak' of easy listening is het niet de bedoeling om ongewenste geluiden weg te filteren of je een bepaalde gemoedstoestand op te leggen. In de woorden van Eno zelf: ''Ambient music is intended to induce calm and a space to think. Ambient music must be able to accomodate many levels of listening attention without enforcing one in particular; it must be as ignorable as it is interesting.''

Lees verder »

Araglin | Woensdag 03 Februari 2010 at 12:05 am | New age | 1 reactie
Gebruikte Tags: ,

Piep

Ik vroeg me al af of ik een ouwe zeur was geworden als ik weer eens zat te mopperen over 'die jeugd van tegenwoordig' en hun harde muziek, maar nee. Uit onderzoek van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam blijkt namelijk dat ruim eenderde van de Nederlandse jongeren van 12 tot 16 jaar structureel naar te harde muziek luistert op hun mp3-speler (al dan niet in telefoonvorm). En dat heeft natuurlijk gevolgen: zij riskeren permanent, onherstelbaar gehoorverlies. Niet alleen jongeren lopen risico: de Europese Commissie schat dat zo'n 15 miljoen mensen acuut gevaar lopen op een gehoorbeschadiging.

Eurocommisaris Meglana Kuneva (verantwoordelijk voor van Consumentenzaken) diende dan ook in september vorig jaar een voorstel in om het volume van mp3-spelers te beperken. En aangezien de wachtkamers bij de KNO-artsen uitpuilen, maakt Brussel haast. Cenelec, het Europese normalisatie-instituut voor elektronische apparatuur (ik wist ook niet dat het bestond), heeft inmiddels al een voorstel gestuurd naar de diverse nationale standaardisatiecomités. Zij kunnen tot eind februari reageren en wijzigingen voorstellen.

In het voorstel staat onder meer dat het maximale volume beperkt moet worden tot 85 decibel (momenteel halen de meeste mp3-spelers makkelijk 130 decibel en hoger). Je mag daar overheen gaan (tot maximaal 100 decibel), maar dan moet je wel een waarschuwing te zien krijgen dat een hoog volume schadelijk kan zijn voor het gehoor. Pas door deze melding te bevestigen, wordt het volume een tandje hoger gezet. Producenten mogen zelf bepalen hoe die melding eruitziet: een melding waar je op moet klikken, een stem die waarschuwt of een knipperend lichtje.

Nogal vrijblijvend allemaal, als je het mij vraagt – een beetje zoals de waarschuwingen op een pakje sigaretten. Iedereen denkt dat het hem of haar niets zal overkomen, totdat je met een permanent piepgeluid of een voortdurend gesuis in je oren zit opgescheept. Tweede Kamerlid Sabine Uitslag (CDA) vindt dan ook dat (met name) jongeren beter moeten worden voorgelicht, bijvoorbeeld in de lessen biologie op school. Vorige week nam de Tweede Kamer haar motie aan, waarin ze minister Rouvoet aanspoort om maatregelen te treffen. Maar goed, je kunt ook vinden dat de overheid zich niet overal mee moet bemoeien, maar in dit geval mag er best een uitzondering worden gemaakt.

En om een en ander in perspectief te plaatsen: een verhelderende infographic met een gehoorschade-schema en een kijkje in het binnenste van het menselijk oor (bron: NRC Handelsblad, donderdag 28 januari 2010).

Araglin | Zondag 31 Januari 2010 at 11:56 pm | Default | 2 reacties
Gebruikte Tags: , , , ,