Friesland

De komende week wordt het rustig op Araglin.nl; vriendin Eva en ondergetekende reizen namelijk af naar Friesland, waar we (hopelijk) vrij weinig gaan uitvoeren. Tot over een week!

peter Zaterdag 26 Juli 2008 at 09:21 am | | overig | Geen reacties

Ashra

Ik heb nog niemand horen klagen, dus daarom heb ik nog maar weer eens een bijna vergeten elektronisch pareltje opgevist uit de stoffige Araglin.nl-archieven. Maar eerst natuurlijk een praatje vooraf. Toen in 1974 zowel Klaus Schulze als Harmut Enke uit de invloedrijke krautrockformatie Ash Ra Tempel stapte, bleef oprichter Manuel Göttsching als enige achter. Hij krabde zich achter de oren, kortte de naam in tot simpelweg 'Ashra' en besloot om solo verder te gaan. In 1975 verscheen 'Inventions for Electric Guitar', dat was gevuld met vernuftig bewerkte gitaarklanken, een jaar later gevolgd door het meditatieve en bezwerende 'New Age of Earth'.

In de jaren die zouden volgen, verschenen met de regelmaat van de klok (en met wisselend succes) nieuwe Ashra-albums, al dan niet samen met Klaus Schulze en andere gastmuzikanten. Een opmerkelijk hoogtepunt is 'E2 E4' (opgenomen in 1981, maar pas in 1984 uitgebracht), dat wordt gezien als een van de eerste house-albums. Sterker nog: 'E2 E4' stond aan de basis van 'Sueño Latino', een dancehit in de zomer van 1989. (Leuk feitje: de Italiaanse producers Stefano Rota en Stefano Righi, verantwoordelijk voor dit nummer, zijn beter bekend als het duo Righeira).

Maar over 'E2 E4' schrijf ik later nog wel een keer, want 'New Age of Earth' verdient het net zo hard om in de schijnwerpers gezet te worden. Op dit album geen kosmische trip, maar speelse, lichtvoetige elektronica. Alsof jonge en nog onbedorven sequencers vrolijk rond dartelen in de synthesizerwei. Opener 'Sunrain' trapt af met lekker bubbelende synths, terwijl 'Ocean of Tenderness' zacht voortdoezelt in een wolkeloze blauwe hemel. En als je eenmaal in slaap bent gesukkeld, is 'Deep Distance' de ideale metgezel. Het bijna 22 minuten durende 'Nightdust' is dan weer andere koek; dit nummer doet nog het meest denken aan de psychedelische jams van Ash Ra Tempel, met gitaarsolo's, vervormde geluidseffecten en echo's van vreemde sterrenstelsels. Ideale muziek om bij weg te dromen. Luister zelf (320 kbps, 93 MB).

peter Donderdag 24 Juli 2008 at 12:47 am | | elektronisch | Geen reacties

Ed Starink

Begin jaren negentig waren de 'Synthesizer Greatest'-verzamelaars erg populair. Wellicht heb je er wel eentje in de kast staan, want er zijn miljoenen van verkocht (vooral in Frankrijk, Nederland en Spanje). Grote man achter deze serie was de Nederlander Ed Starink (1952), die vele tientallen cd's heeft vol gespeeld met covers van bekende synthesizer- en filmdeuntjes, waarbij hij het allemaal nét iets vetter aanzette. Je kunt je afvragen waarom platenmaatschappij Arcade niet gewoon de originelen op een cd'tje zette, maar het verhaal gaat dat 'twee grote namen' niet samen op één compilatie wilden staan. Als ik de tracklisting van de eerste 'Synthesizer Greatest' erbij pak, liggen de namen van Jean Michel Jarre en Vangelis voor de hand...

De productie van Starink was enorm; zich verschuilend achter alter ego's Star Inc., London Starlight Orchestra en The Broadway Stage Orchestra bracht hij in moordend tempo cd's op de markt met titels als 'Golden Panflute Melodies', 'James Bond Themes' en 'Golden Ballads'. In 1981 verscheen Starinks debuut 'Cristallin', in 1985 gevolgd door het uitstekende 'Inner Spirits'. Medio jaren negentig pakte hij de draad weer op met 'The Synthfony Album' (1993) en opgefriste versies van zijn vroegere werk ('The Surround Experience' uit 1998). Starink woont momenteel in Zuid-Frankrijk, waar hij al geruime tijd bezig is met een Groots Conceptalbum over het heelal. Naar verluidt moet dit monsterproject ergens in 2010 het licht zien.

'Inner Spirits', verschenen onder de noemer Star Inc., bevat dertien tracks (inclusief enkele afkomstig van 'Christallin') die opvallen dankzij hun warme klankkleur en vaak originele invalshoeken. Dat Ed Starink zijn instrumenten beheerst, is geen verrassing, wél dat hij erin is geslaagd een eigen sound te creëren en de subtiliteit van Vangelis paart met de beknopte atmosferische, film-achtige sound van Tangerine Dream ten tijde van 'Poland' en 'Le Parc'. Soms wordt het wel erg zoet en easy listening, maar met name 'Pebbles in the Pond', 'Crystalline', 'Visages Unborn' en 'On Wings of Whisper' hebben nog niets aan kracht ingeboet. Luister zelf: 'Inner Spirits deel 1 (63 MB) en deel 2 (53 MB, 320 kbps).

Admin Maandag 21 Juli 2008 at 11:48 pm | | elektronisch | Twee reacties

Het mime-gen

Hier stond eerst een fragment uit het geweldige 'Zeepaardje met een hoed op' van Bas Albers en Gerard Janssen, oftewel de Easy Aloha's. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2006. Niet meer verkrijgbaar - dus raadpleeg bijvoorbeeld Boekwinkeltjes.nl of Bol.com.

Lees meer »

Admin Vrijdag 18 Juli 2008 at 12:29 am | | overpeinzing | Eén reactie

Sergej Rachmaninov (reprise)

Sergej Rachmaninov (1873-1943) was een romanticus in hart en nieren. Hij groeide op in Sint Petersburg, waar hij ook het conservatorium doorliep. Zijn eerste symfonie uit 1895 flopte gigantisch. Niet omdat het zo'n slecht stuk was, maar omdat dirigent Glazoenov tijdens de première dronken voor het orkest stond. De vernietigende recensies hadden een grote impact op Rachmaninov: hij kreeg een zenuwinzinking, werd depressief en kon geen noot meer op papier te krijgen.

Na een hypnosebehandeling door dr. Nikolai Dahl vloeide prompt zijn tweede pianoconcert uit zijn pen, dat wordt beschouwd als zijn beste werk. Rachmaninov droeg het concert dan ook op aan Dahl – als ik hypnotiseur was geweest, had ik dit ook sublimaal ingeprent... Maar in ieder geval: zijn carrière stond weer op de rails. Rachmaninov dirigeerde aan het beroemde Bolsjoi-theater, tourde door Europa en in 1909 ondernam hij zijn eerste reis naar Amerika, waar hij zich in 1934 definitief vestigde. Sergej was een briljant pianist en schreef veel van zijn beroemde (en uiterst complexe) pianoconcerten voor zichzelf, zodat hij de bink kon uithangen op feesten en partijen.

Ik ben vooral fan van Rachmaninovs symfonieën, en met name van 'The Isle of the Dead'. Dit werk uit 1909 is geïnspireerd door het gelijknamige, sfeervolle schilderij van Arnold Böcklin, waarop veerman Charon naar een desolaat en dreigend eiland dobbert. De muziek van Rachmaninov past wonderwel bij het schilderij; je voelt het zwarte water bijna over je bootje klotsen, en naarmate je het dodeneiland nadert, zwellen de violen aan en het 'Dies Irae'-motief maakt het helemaal af. Luister zelf: 'The Isle of the Dead, opus 29' (320 kbps, 40 MB), uitgevoerd door The Royal Philharmonic Orchestra onder leiding van Enrique Bátiz.

peter Woensdag 16 Juli 2008 at 12:08 am | | klassiek | Eén reactie

Berdien

Sommige artiesten dragen een stigma met zich mee, een uilenbal van oubolligheid en wansmaak. Vaak gaat het om artiesten die miljoenen albums hebben verkocht, maar naar wie je als 'serieuze' muziekliefhebber eigenlijk niet mag luisteren. Je reinste flauwekul natuurlijk. En dan heb ik het niet over de Pet Shop Boys of Kylie Minogue. Nee, ik heb het over die muziek waarbij iedereen in mijn omgeving met de ogen begint te rollen en al na een seconde of tien vraagt of er alsjeblieft iets anders op mag. Dat gebeurt steevast als ik iets opzet van bijvoorbeeld James Last, Klaus Wunderlich, Richard Clayderman, Yanni en... Berdien Stenberg. Jammer genoeg dreigt de in Almelo geboren fluitiste enigszins in de vergetelheid te raken, dus hoog tijd om daar eens verandering in te brengen.

De als Berdien Steunenberg geboren muzikante kende na haar klassieke fluitopleiding aan het conservatorium in Den Haag een vliegende start: in 1983 scoorde ze op 27-jarige leeftijd een wereldhit met 'Rondo Russo', het ingekorte laatste deel uit het fluitconcert van de Italiaanse componist Saverio Mercadante (1795-1870). Grote man achter de schermen was Ruud Jacobs, die in de jaren zestig bassist was in het trio van zijn broer Pim en begin jaren tachtig als producer werkte bij Phonogram. Hij zag wel wat in de klassiek geschoolde Berdien, hoewel ook hij het stormachtige succes niet had verwacht. In allerijl werd er een compleet album opgenomen ('Ronde Russo' uit 1983), een jaar later gevolgd door de nog succesvollere lp 'Badinerie'. Het recept was hetzelfde: luchtige klassieke stukken, zwierig gearrangeerd en in een krokant popjasje gestoken.

In de jaren die volgden bracht ze regelmatig nieuwe albums uit (die als warme broodjes over de toonbank gingen), tourde met veel succes door onder meer Europa, Amerika en Azië en werkte samen met grote namen als Jaap van Zweden en James Last.

Lees meer »

peter Dinsdag 15 Juli 2008 at 12:32 am | | easy-listening | Geen reacties

Babylon 5

In een vlaag van verstandsverbijstering heb ik onlangs het eerste seizoen van Babylon 5 (uitgezonden in 1994) gekocht. Ik had goede herinneringen aan deze Amerikaanse SF-serie (bedacht, geproduceerd en grotendeels geschreven door Joseph Michael Straczynski) en hoewel met name de effecten (Babylon 5 was een van de eerste series die uitgebreid gebruikmaakte CGI) wat gedateerd overkomen, hebben de epische belevenissen op het ruimtestation in de verre toekomst weinig aan kracht ingeboet. Dat is met name te danken aan de doordachte verhaallijnen én de muziek van Christopher Franke (1953).

Geen onbekende naam: hij was een van de oprichters van Tangerine Dream, en samen met Edgar Froese en Peter Baumann verantwoordelijk voor legendarische albums als 'Phaedra', 'Rubycon' en 'Cyclone'. In 1988 besloot Franke dat het tijd was om zich te storten op een solocarrière. Begin jaren negentig richtte hij de labels Sonic Images en Earthtone New Age Music op, maakte filmmuziek onder de noemer Berlin Symphonic Film Orchestra en bracht verschillende solo-albums uit. In 1991 verhuisde hij naar Los Angeles om het daar te gaan maken als filmcomponist. Na wat kleine klusjes had hij in 1993 beet en sleepte hij de opdracht in de wacht om muziek te componeren voor de SF-serie Babylon 5.

Aanvankelijk zou Stewart Copeland van The Police aan de slag gaan, maar toen hij verhinderd bleek, kreeg Franke de klus, niet vermoedend dat deze serie vijf seizoenen zou lopen en vier tv-films en een computerspel zou opleveren. Voor elke aflevering (bijna 130 in totaal) schreef Franke ongeveer een half uur sfeervolle, bombastische muziek met lichte elektronische invloeden. Het lijkt soms wel heel erg veel op elkaar allemaal, maar ach, een kniesoor die daarop let. Liefhebbers van aanzwellende violen, kunnen met een gerust hart dit zipje (75 MB, wisselende bitrates) met de muziek van 'The Coming of Shadows' (aflevering 9, seizoen 2) en 'The Face of the Enemy' (aflevering 17, seizoen 4) downloaden. Ik zet nog maar eens aflevering op...

peter Vrijdag 11 Juli 2008 at 5:17 pm | | film | Geen reacties

Ziggo smiggo (2)

Het nadeel van een weblog is dat als het even stil is, het gelijk zo akelig stil is. Ik kreeg zelfs al enkele bezorgde mailtjes en MSN-berichten van mensen die zich afvroegen of ik überhaupt nog wel in leven ben, maar eigenlijk is er niet zo veel aan de hand - afgezien van de inmiddels gebruikelijke Ziggo-problemen. Het lijkt wel alsof er vooral 's avonds iemand in het Ziggo-hoofdkwartier lukraak aan de knopjes zit te draaien, onder het motto 'Ziggo doet het anders, en daar heb je geen internetverbinding voor nodig!'. En dat verklaart het dus gebrek aan nieuwe entry's de afgelopen dagen.

Maar goed, Ziggo heeft me verzekerd dat de problemen deze week zouden worden opgelost, dus dat wacht ik nog even af. In de tussentijd heb ik niet alleen het vuistdikke 'It' van Stephen King herlezen (het blijft geweldig), in een vlaag van verstandsverbijstering heb ik het eerste seizoen van Babylon 5 (uitgezonden in 1994) én een verzamelbox met alle seizoenen van Stargate SG1 gekocht – maar daarover later meer. Hopelijk vanaf vandaag weer wat frequentere updates!

peter Donderdag 10 Juli 2008 at 3:08 pm | | overig | Eén reactie

Glenn Medeiros

In 1986 deed de 16-jarige leeftijd Glenn Medeiros mee aan een talentenjacht op zijn geboorte-eiland Hawaï. De hoofdprijs was een bedrag van 500 dollar en een professionele opname-sessie. Glenn won glansrijk - de juryleden smolten massaal voor de Hawaïaanse krullenbol en zijn zwoele uitvoering van 'Nothing's Gonna Change My Love For You', in 1984 geschreven door Michael Nasser en Gerry Goffin voor George Benson (en te vinden op diens album '20/20'). Samen met Jay Stone, een van de dj's van het radiostation dat de talentenjacht had gesponsord, dook Glenn de studio in. Dat 'Nothing's Gonna Change My Love For You' de eerste plaats in de Hawaïaanse hitlijst bereikte was geen verrassing. Wel dat de mierzoete single het uitstekend deed in de Amerikaanse Billboard Hot 100.

Vreemd genoeg kwam het succes vervolgens knarsend en piepend tot stilstand. Glenns label Amherst Records besloot om de single niet wereldwijd uit te brengen en de jonge zanger maakte zich op om zijn oude baantje van reisgids weer op te pakken. In 1988 kocht Mercury de rechten van 'Nothing's Gonna Change My Love For You' en kreeg het twee jaar oude nummer een nieuwe kans. En niet zonder succes: in tal van Europese en Aziatische landen belandde Glenn Medeiros op de eerste plaats, zijn debuutalbum (dat destijds in slechts twee weken was opgenomen) in zijn kielzog meeslepend.

In de jaren die zouden volgen, bracht Glenn met regelmatig nieuwe albums uit, scoorde af en toe een hit (zoals 'She Ain't Worth It', een duet met Bobby Brown, en 'Love always finds a reason'), studeerde geschiedenis aan de universiteit van Hawaï, trouwde, werd vader, treedt regelmatig op in Hale Koa Hotel in Waikiki, en geeft momenteel geschiedenisles op de Maryknoll High School.

Allemaal leuk en aardig, het probleem is alleen dat Glenns muziek zo ontzettend... nietszeggend en braaf is. Het is allemaal zo keurig, voorspelbaar en zwijmelzoet. En als hij eens uit de band springt (zie bijvoorbeeld 'She Ain't Worth It' of 'Standing Alone', een duet met Modern Talking-zanger Thomas Anders), heb je voortdurend het gevoel dat hij een geintje maakt. Maar goed, iedereen die is opgegroeid in de jaren tachtig heeft vast wel een warm plekje voor Glenn Medeiros – luister naar zijn debuutalbum uit 1987 (320 kbps, 70 MB).

peter Vrijdag 04 Juli 2008 at 12:40 am | | 80s | Geen reacties

James Tenney

Het schijnt dat je muzikale smaak zo rond je 25ste wel zo'n beetje is uitgekristalliseerd (zie hier en hier). Oftewel: als je bepaalde muziek niet leuk vindt, zal het na die leeftijd nooit meer wat worden. Ik denk dat de soep niet zo heet wordt gegeten als hij wordt opgediend - je moet alleen wat extra blazen. Neem nu de Amerikaanse componist James Tenney (1934-2006). Ik weet niet zo goed wat ik van zijn muziek moet vinden, maar heb het gevoel dat ooit het spreekwoordelijke kwartje zal vallen.

Tenney valt te beschouwen als een sleutelfiguur in de moderne Amerikaanse klassieke en experimentele muziek. Hij werkte samen met John Cage, Harry Partch, Steve Reich en Phil Glass, was in de jaren zestig een pionier op het gebied van elektronische en computergestuurde muziek, richtte in 1963 het invloedrijke Tone Roads Chamber Ensemble op, en schreef daarnaast talloze verhandelingen over de eigenschappen van geluid, de waarneming van de luisteraar en muzikale esthetiek. Bovenal was hij zelf een innovatief componist, die bekend stond om zijn akoestische en elektronische werken. Tenney had zo zijn twijfels bij de traditionele rol van componist en uitvoerder en in zijn composities zijn beide gelijkwaardig. Verder speelt in zijn werk de onvoorspelbaarheid en non-lineariteit een grote rol.

Klinkt ingewikkeld, en toen ik voor het eerst naar Tenney luisterde, dacht ik 'tja'. Dat denk ik nu nog steeds, eigenlijk. Een goed voorbeeld van deze tja-factor zijn de diverse Ergodus-stukken die Tenney in de loop der jaren heeft gemaakt. Met een beetje goede wil zou je ze kunnen beschouwen als voorlopers van 'minimal music' of drones. Het eigenaardige is dat deze muziek geen begin- of eindpunt heeft, hoe vaag dit ook klinkt. Sterker nog: de oorspronkelijke tapes voor 'Ergodos I' en 'Ergodos II' zijn op elk gewenst moment in te starten. Luister naar enkele stukken van James Tenney (320 kbps vbr, 83 MB), waaronder 'Ergodos I', 'II' en 'III' uit respectievelijk 1963, 1964 en 1994, uitgevoerd door The Barton Workshop.

peter Dinsdag 01 Juli 2008 at 2:34 pm | | klassiek | Eén reactie