Lucia Hwong

Natuurlijk, new age-muziek is in eerste instantie bedoeld om de zintuigen te kalmeren - het audio-equivalent van een warm bad of een kopje kruidenthee. Het is echter een misverstand om te denken dat er dan ook gelijk niets hoeft te gebeuren. Ik heb niet zo veel met albums met klaterende bergbeekjes of snaterende walvissen. Het is de kunst om de aandacht vast te houden, zonder gelijk te overheersen. Met andere woorden: new age met een 'bite'.

En dat is precies wat Lucia Hwong doet. Deze Amerikaanse componiste (geboren op Hawai, maar opgegroeid in Los Angeles) kende een vliegende start, maar is nooit echt op grote schaal doorgebroken. Ze studeerde 'ethnomusicology', speelt begenadigd pipa (een Chinese luit) en schreef de muziek voor een groot aantal theater- en balletvoorstellingen en documentaires. In 1985 debuteerde ze op het Private Music-label van voormalig Tangerine Dream-lid Peter Baumann met het prachtige 'House Of Sleeping Beauties', twee jaar later gevolgd door 'Secret Luminescence'.

In het boekje van haar debuut schrijft Philip Glass "a young generation of composers has begun to appear. And the thing which distinguishes them [...] is that they represent in their person a dual tradition. Not a borrowing from one tradition or incorporating the sounds of another, but a real blending of Eastern and Western music."

Op beide albums laat Hwong inderdaad iets totaal anders horen (en zeker voor die tijd): de perfecte versmelting tussen Oost en West, waarbij Hwong zowel put uit de rijke Chinese muziektraditie als 'moderne' genres als ambient en avant-gardistische klankexperimenten. Rustgevend en kalmerend, maar tegelijk verrassend en eigenzinnig genoeg om de aandacht vast te houden. Na een lange stilte (waarin ze zich bekwaamde in reiki) bracht Hwong in 1998 en 1999 op haar eigen label Godess een drietal cd's uit, die samen de 'Godess'-trilogie vormen. Naar het schijnt zijn deze albums wat meer wereldmuziek georiënteerd – ze zijn nogal lastig op het spoor te komen.

Luister naar de albums waar het allemaal mee begon: 'House Of Sleeping Beauties' (320 kbps, 65 MB) en 'Secret Luminescence' (320 kbps, 73 MB).

peter Dinsdag 28 April 2009 at 12:03 am | | new-age | Geen reacties

Andrew Ridgeley

Ik heb nooit zo goed begrepen wat nu precies de rol van Andrew Ridgeley (1963) was bij Wham! Natuurlijk, Ridgeley sleutelde achter de schermen aan het imago van het beroemde duo en trad op als woordvoerder en geinponem, terwijl zijn verlegen jeugdvriend George Michael het muzikale brein vormde. Op het podium en in videoclips zong Andrew Ridgeley steevast enthousiast mee (terwijl hij niet te horen was), liep hij met een gitaar heen en weer (geen gitaar te horen) of barstte hij af en toe uit in een saxofoonsolo (en dat klonk dan gelijk akelig perfect).

En waar George Michael na het uiteenvallen van Wham! in de zomer van 1986 een succesvolle solocarrière startte, leefde Ridgeley al zijn jongensdromen uit. Hij verhuisde naar Monaco om zijn geluk te beproeven als Formule 3-coureur, om na een aantal crashes naar Los Angeles te verkassen in de hoop een carrière op te bouwen als acteur. Echt succesvol was dit allemaal niet en eind jaren tachtig zette hij zich aan een heus solo-album, dat duidelijk moest maken dat ook hij een getalenteerd songwriter was. In 1990 verscheen 'Son of Albert' (Albert was de naam van Andrews vader), waarop Ridgeley zich presenteerde als een stoere rocker, met dito songs. Ook dit verliep niet geheel volgens plan: de single 'Shake' en zijn debuut-cd flopten meedogenloos. En dat was niet onterecht; de tien tracks klinken nogal flauwtjes en ongeïnspireerd, en het werd pijnlijk duidelijk waarom Ridgeley niet op de Wham!-albums te horen was.

Hij ging niet bij de pakken neerzetten en vond een nieuwe roeping als professioneel surfer. Na een bijna fatale virusinfectie overleefd te hebben (te wijten aan zwaar verontreinigd zeewater), zet hij zich nu al vele jaren in om de Engelse stranden en zeeën zo schoon mogelijk te houden. Verder houdt hij zich bezig met een bedrijfje dat surfbenodigheden ontwikkelt, heeft hij geïnvesteerd in diverse restaurants, speelt hij graag een potje golf, is hij fanatiek fan van Manchester United en besteedt hij de tijd die overblijft aan zijn gezin in Cornwall (hij is getrouwd met voormalig Bananarama-zangeres Keren Woodward). Kortom, doe mij zo'n leven!

Overigens is de kans nagenoeg nihil dat er ooit nog een tweede album komt, de hardcore fans zullen zich tevreden moeten stellen met 'Son of Albert' (320 kbps, 88 MB).

peter Maandag 27 April 2009 at 01:01 am | | 80s | Geen reacties

Uit den ouden doosch: D.C. Lewis

Hij wilde de Nederlandse Tom Jones te worden, de Arnhemse zanger Ruud Eggenhuizen, beter bekend als D.C. Lewis. Hij zag het dan ook in eerste instantie helemaal niet zitten toen tekstschrijver Gerrit den Braber, componist Joop Stokkermans en producer Hans Hemert hem in 1969 benaderden om het nummer 'Mijn Gebed' op te nemen. De drie hadden hem zien optreden tijdens de Nederlandse voorronde van het Eurovisie Songfestival (dat overigens werd gewonnen door Lenny Kuhr met 'De Troubadour') en waren erg onder de indruk.

Er moest behoorlijk op hem ingepraat worden, maar uiteindelijk zwichtte D.C. Lewis. Om vervolgens heel oliebollend Nederland te verrassen door tijdens de oudejaarsuitzending van Willem Duys' 'Voor de vuist weg' 'Mijn Gebed' te zingen, begeleid door de bekende kerkorganist Feike Asma. Het lied gaat over een jongen die alleen voor de muziek naar de kerk gaat en uiteindelijk wordt geraakt door de stichtelijke woorden van de dominee (hier een mp3'tje om je geheugen op te frissen).

De nummer één-hit bleek een eyeopener voor ouderen die de hoop in de jongere hippiegeneratie al hadden verloren. Op de achterkant van het debuutalbum van D.C. Lewis valt te lezen: ''Op oudejaarsavond '69 werden ze geconfronteerd met een vertegenwoordiger van een groep mensen uit onze generatie waarvan 'men' veronderstelde dat ze nergens anders aan dacht dan flowerpower, vrije seks, stuff en wegwiegen op de ritmen van een soort muziek dat 'men', de ouderen, niet begreep.'' Van de lp werden meer dan 150.000 exemplaren verkocht en D.C. Lewis kreeg automastisch het stempel 'relizanger' opgedrukt, iets wat hij helemaal niet ambieerde. Een aanbod om het nummer 'Waarheen waarvoor' te zingen, sloeg hij dan ook af. Mieke Telkamp zong het vervolgens de (uitvaart)hitlijsten in.

Opvolger 'Zijn Testament' (1970) was een stuk minder succesvol, terwijl de derde single 'Eva Magdalena' (1971) flopte. De spierziekte fibromyalgie maakte in de jaren tachtig een einde aan de carriere van de zanger die nooit de Nederlandse Tom Jones mocht worden. In april 2000 overleed Ruud Eggenhuizen op 53-jarige leeftijd aan een hartstilstand. (Uit: 'Top 2000 - tien jaar liedjes, lijstjes en verhalen', uitgeverij L.J. Veen, 2008. ISBN 978-90-204-2200-9. Behoorlijk aangevuld en herschreven!)

peter Vrijdag 24 April 2009 at 12:59 am | | flashback | Geen reacties

Downloaden is goed voor elk

Grappig. Steeds als ik een dag of wat geen stukkie heb getikt, moet ik er weer inkomen. Ik was weliswaar al begonnen aan een entry, maar daar moet ik even goed voor gaan zitten (nogal een wazig verhaal). Dus daarom eerst een onderzoekje, dat typt altijd zo lekker weg. En nee, deze keer geen saaie verhalen over auteursrecht of de rechtszaak tegen bittorrentsite The Piratebay.

De BI Norwegian School of Management onderzocht gedurende een half jaar (mei tot en met oktober 2008) het muziekdownloadgedrag van jongeren tussen de 15 en 20 jaar. De conclusie: jongeren die muziek dowloaden en delen/uploaden, geven ook tien keer zoveel uit aan legale muziekdownloads als de groep die nooit illegaal muziek downloadt. "Degenen die zeggen dat ze gratis downloaden zijn eigenlijk de grootste consumenten van betaalde muziek online", aldus onderzoekster Audun Molde tegen de Noorse krant Afterposten.

Uit het onderzoek blijkt verder dat vijftig procent minimaal één keer een nummer had gekocht bij een muziekdienst zoals iTunes of Amazon. Zes van de tien jongeren kocht in dat halfjaar ook nog een cd. Gemiddeld kochten de jongeren 5,1 cd's. Opmerkelijk, maar niet verrassend: ik schreef al eerder over twee onderzoeken (hier en hier), waarbij de conclusie precies hetzelfde was. Een Noorse woordvoerder van platenlabel EMI laat weten niet overtuigd te zijn door het onderzoek. "Dit is niet het definitieve bewijs dat gratis downloads zorgt voor een toename aan het aantal betaalde downloads, zegt hij. "De consumptie van muziek neemt toe, terwijl de inkomsten afnemen."

Tja, op deze manier kun je aan elke discussie wel een einde maken. Ik merk zelf dat ik de afgelopen jaren veel meer naar muziek ben gaan luisteren (en downloaden) en ook veel meer muziek ben gaan aanschaffen – alleen niet op de geijkte manieren. Ik koop direct bij het label of de artiest zelf, download legaal via eMusic, speur op Marktplaats en eBay naar koopjes en ben vaste klant bij diverse tweedehandsplatenzaken. En ik ben niet de enige, me dunkt. Maar tja, ik denk dat deze verkoopcijfers niet worden meegenomen in de statistieken waar de muziekindustrie mee schermt...

peter Donderdag 23 April 2009 at 12:38 am | | interessant | Eén reactie

Joe Diffie

Ik kan het niet zo goed verklaren, maar ik heb een zwak voor countrymuziek. En dan bedoel ik niet zozeer de alt.country-variant van bijvoorbeeld Steve Earle (ook leuk, daar niet van), als wel de rechttoe-rechtaan country: mannen met cowboy-hoeden, laarzen en snorren, die (soms nogal chauvinistisch) over hun auto's, alcohol en vrouwen zingen. In Amerika is dergelijke muziek de gewoonste zaak ter wereld - wellicht een beetje zoals wij hier naar André Hazes en Frans Bauer luisteren. Niemand doet het, maar in de kroeg met een paar biertjes zingt iedereen uit volle borst mee.

Tijdens de afgelopen Mega Platen- en CD-beurs liepen er geen cowboys rond, wel een hoop oudere mannen met snorren (of in ieder geval een ferme bos neushaar). Er komt vroeger of later een moment, zo bedacht ik me, waarop je je als vijftigplusser niet meer met goed fatsoen kunt vertonen in een leren jack en een te strak bandshirt waar een bierbuik onder vandaan piept - maar ik dwaal af. Terwijl ik door immense Jaarbeurshal aan struinen was, stuitte ik op een standje met een bescheiden afdeling vriendelijk geprijsde country. En dan nu eens niet met de geijkte namen (Johnny Cash, Dolly Parton en, vooruit, Garth Brooks). Nee, tot mijn verrassing kwam ik cd's tegen van onder andere Little Texas, Michael Peterson, Kenny Chesney en Brooks & Dunn. Supersterren in Amerika, in Nederland kunnen ze anoniem over straat lopen.

Natuurlijk kocht ik een stapel, en luister ik nu naar Joe Diffie, mijn glas Jack Daniels binnen handbereik. Diffie ziet eruit als een vrachtwagenchauffeur, beschikt over een aangename stem en maakt lekker in het gehoor liggende country-rock (afgewisseld met de nodige zoete ballads) - niet wereldschokkend, gewoon fijn. Aanvankelijk roerde de nu 50-jarige Diffie voornamelijk in de grote honky tonk-pot, om op zijn latere albums wat meer rock-invloeden te integreren. Ook Diffie zingt over verscheurde harten, zijn pickup-truck en over hoe mooi en geweldig Amerika wel niet is, maar valt op door zijn humor en woordspelingen. Luister tijdens het line-dancen eens naar 'Third Rock from the Sun' uit 1994 (320 kbps, 68 MB), waarop Diffie er voor het eerst wat meer rock ingooide.

peter Zondag 19 April 2009 at 11:42 pm | | overig | Geen reacties

Feest en trompetten

Oeps, was ik het bijna vergeten: tijd voor slingers, taart en in een vrolijk gekleurd cadeaupapier verpakt trompetje! Nee, ik ben niet jarig, maar de onze onverwoestbare easy listening-held James Last wel! Hij is vandaag (17 april) tachtig geworden. En om dit te vieren, begint Last op 23 april met zijn 'Mit 80 um die Welt'-tournee. 'The gentleman of music' geeft in een moordend tempo 23 concerten in Duitsland, Zwitserland, België en Frankrijk. Nederland wordt gelukkig niet overgeslagen: op 8 mei strijkt het volledige orkest neer in de Heineken Music Hall in Amsterdam en voor wie op die dag verhinderd is, op 17 mei is Last te bewonderen in de Lotto Arena te Antwerpen. Er zijn nog kaartjes beschikbaar!

Hoewel ik al jaren fan ben van James Last, en deze bekentenis leidt helaas nog steeds tot gefronste wenkbrauwen, heb ik nog nooit een concert van hem bijgewoond. Volgens mij is het een bijzonder gezellige aangelegenheid! Vooral ook omdat het oeuvre van James Last immens en bijna onuitputtelijk is. Hij heeft zo ontzettend veel gemaakt dat het niet leuk meer is. Als je nog een interessante artiest zoekt om te verzamelen, heb je aan James een fikse kluif. De teller staat op honderden lp's, die soms alleen in specifieke landen werden uitgebracht. Last-fan Piet Hemminga heeft alles netjes op een rijtje gezet in deze kleurrijke galerie.

Natuurlijk, het meeste is mierzoet en nogal gezapig, maar zo af en toe glippen er (per ongeluk?) enkele juweeltjes tussendoor, zoals de prachtige trilogie 'James Last in Holland' (met covers van bekende Nederlandse hits), 'Voodoo Party' uit 1972 (waarvoor Last zich laten inspireren door de voodoo-religie) en het onbedaarlijk vrolijke 'Trumpet a GoGo' uit 1966. Het is een gemiste kans dat platenmaatschappij Polydor ter gelegenheid van Hansi's verjaardag voor de zoveelste keer op de proppen komt met een doorsnee verzamelaar – en dat voor een artiest die wereldwijd miljoenen albums heeft verkocht.

Het onvolprezen LoungeLegends pakt het gelukkig wél goed aan en presenteert twee juweeltjes: een eigenhandig en met liefde samengestelde compilatie met bijzondere en zeldzame nummers én een prima registratie van een concert dat de easy listening-koning precies dertig jaar geleden (19 april 1979) gaf in de Royal Albert Hall in Londen. Let the party Last!

peter Vrijdag 17 April 2009 at 11:34 pm | | easy-listening | Twee reacties

International Record Store Day

Het is een rare vicieuze cirkel. Cd-verkopen dalen, en in poging het tij en de gemiste inkomsten te keren, schrappen steeds meer platenwinkels met een botte bijl in het muziekaanbod en word je getrakteerd op een gestaag uitdijende hoeveelheid dvd's en allerhande soorten games. Met als gevolg dat er minder cd's worden verkocht, het aanbod schraler en schraler wordt, je noodgedwongen naar het internet uitwijkt en de platenzaak zoals we die kennen uiteindelijk uit het straatbeeld verdwijnt.

En hoewel de voortekenen er niet goed uitzien (na Boudisque Amsterdam is nu ook Boudisque Utrecht failliet en ik las dat tal van Van Leest-vestigingen worden omgetoverd in Game Mania-winkels, terwijl de Free Record Shop zich voornamelijk gaat richten op games), zo ver is het nog lang niet. Een duwtje in de rug kan echter geen kwaad, dus loop aanstaande zaterdag (18 april) eens je lokale platenzaak binnen en doe eens gek: koop een cd of lp.

Waarom nu juist zaterdag? Nou, het is dan International Record Store Day, oftewel: de internationale viering van de onafhankelijke platenzaak. Dit initiatief ontstond in 2007 toen diverse Amerikaanse winkels de handen ineen sloegen en met live optredens, kortingsacties en wat dies meer zij de muziekliefhebber naar hun winkels probeerden te lokken. Ook in Nederland staan de ketens Concerto en Plato stil bij International Record Store Day. In hun winkels zijn onder meer Amarins, Lucky Fonz III, The Horse Company en The Sheer te bewonderen (niet echt mijn kopje thee ben ik bang) en liggen er grote stapels cd's voor een zacht prijsje in de schappen (of althans, daar ga ik vanuit). Meer info hier - en nee, ik word niet gesponsord.

Zelf zal ik ongetwijfeld die zaterdag ook de nodige muziek aanschaffen, maar niet bij de eerder genoemde winkels. Ik bevind me dan in de Utrechtse Jaarbeurs, waar dit weekend de 31ste editie plaatsvindt van de Mega Platen & CD Beurs - want wat is er nu fijner dan je te worstelen door kilometers en kilometers vinyl en cd's?

peter Vrijdag 17 April 2009 at 12:18 am | | overig | Twee reacties

Logic System (gastbijdrage van Michael)

Wie in de jaren tachtig en negentig is opgegroeid, is ongetwijfeld bekend met het onvolprezen stripprogramma ‘Wordt Vervolgd’, gepresenteerd door Han Peekel. Met elke week reportages over stripboeken, interviews met tekenaars, nieuwe en oude tekenfilms en natuurlijk de imitatiewedstrijden. Opvallend was de muziekkeuze in het programma. Een van mijn favoriete nummers was 'Domino Dancing' van Logic System - hoewel ik pas veel later ontdekte om welke track het precies ging.

Achter Logic System schuilt Hideki Matsutake, een Japanse componist en computerprogrammeur. Hij begon als leerling van Isao Tomita en kwam in de jaren zeventig in aanraking met de Moog III-p synthesizer. Hij werkte mee aan albums van zeer veel jonge, opkomende Japanse artiesten die experimenteerden met synthesizers en elektronica. Zo was hij onder meer te horen op 'Thousans Knives' van Ryuichi Sakamoto en was hij de sequencerprogrammeur op vele albums van YMO, oftewel het legendarische Yellow Magic Orchestra. Door sommigen werd hij zelfs het vierde bandlid van YMO genoemd.

In 1981 richtte Hideki samen met Makoto Irie de groep Logic System op en in hetzelfde jaar verscheen hun eerste album met de simpele naam 'Logic'. Een naar mijn mening niet erg bekende synthesizerklassieker, die zeker de moeite waard is. De negen tracks hebben een onmiskenbaar YMO-tintje, maar zijn origineel en staan 28 jaar later nog altijd als een huis. Hideki en Irie bespelen onder andere de MC-8, de TR-808, en worden bijgestaan door Kenji Omura op gitaar en Hiroki Tamaki op viool. Volgens mij werd er in Nederland een andere versie van de lp uitgebracht met een iets afwijkende trackvolgorde, maar dat weet ik niet meer zeker.

In ieder geval was de hoes met de bamboestengels op de voorkant zeer herkenbaar. In de jaren negentig is het album in Japan nog op cd uitgebracht, maar het is mij nooit gelukt deze te pakken te krijgen. De latere albums van Logic System haalden niet meer de kwaliteit van het debuut, op een enkele uitschieter na. Oordeel zelf: 'Logic' (192 kbps, 46 MB).

(Dit is een gastbijdrage van Michael. Ook jouw stukje op Araglin.nl? Stuur gerust een mailtje!)

peter Woensdag 15 April 2009 at 11:50 pm | | gastbijdrage | Twee reacties

Oer-synthesizer

Als je het hebt over de geschiedenis van de elektronische muziek kom je al snel uit bij de Moog, de ondioline, de Trautonium en de theremin. Een instrument dat altijd in het verdomhoekje zit, maar net zo belangrijk is geweest, is de ANS. De Russische ingenieur Evgeny Murzin sleutelde maar liefst twintig jaar aan deze vreemde oer-synthesizer (van 1937 tot 1957 - in zijn vrije tijd, dat dan weer wel).

De ANS maakt gebruik van glazen platen waar 'tekeningen' op staan die worden omgezet in muziek. Hoe dit proces precies werkt, wordt uitgebreid uitgelegd op deze Wikipedia-pagina – de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik tijdens het lezen enigszins de draad verloor. Murzin vernoemde de ANS naar de Russische componist Alexander Nikolayevich Scriabin (1872-1915), een notoire mafketel die gefascineerd was door Oosterse filosofieën en met enige goede wil valt te omschrijven als de eerste multimedia-kunstenaar. Murzin bouwde slechts één exemplaar van de ANS – niet zo heel verwonderlijk, het ding is ettelijke meters hoog en breed en weegt honderden kilo's. Tal van belangrijke Russische componisten schreven muziek voor de ANS, onder wie Alfred Schnittke en Edward Artemiev. Laatstgenoemde gebruikte de synthesizer om vreemde geluiden te produceren voor de films van Andrei Tarkovsky.

Vandaag de dag is het instrument te vinden in het Theremin Center in Moskou, waar hij trouw wordt onderhouden door Stanislav Kreichi, die geïnteresseerden de werking van het instrument uitlegt. De meeste musici die aan de slag gingen met de ANS konden de verleiding niet weerstaan om surrealistische, buitenaardse nummers te creëren, die nu vooral associaties oproepen met oude sciencefictionfilms uit de jaren vijftig en vroege krautrock (Tangerine Dreams 'Electronic Meditation' uit 1970 bijvoorbeeld).

Het Russische Electroshock-label bracht enkele jaren geleden een nu niet meer te krijgen verzamelaar uit, 'Archive Tapes Synthesizer ANS 1964-71', met twaalf intrigerende tracks van onder andere Stanislav Kreichi, Alfred Schnittke, Edison Denisov, Sofia Gubaidulina en Edward Artemiev. Geen gemakkelijke kost, wel uitermate intrigerend en een must voor liefhebbers van (experimentele) elektronische muziek. Luisteren doe je hier: deel 1 en deel 2 (256 kbps en respectievelijk 68 en 64 MB groot).

peter Dinsdag 14 April 2009 at 11:34 pm | | elektronisch | Twee reacties

(Paas)eieren

Hier stond eerst een fragment uit het geweldige 'Zeepaardje met een hoed op' van Bas Albers en Gerard Janssen, oftewel de Easy Aloha's. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2006. Niet meer verkrijgbaar - dus raadpleeg bijvoorbeeld Boekwinkeltjes.nl of Bol.com.

Admin Zondag 12 April 2009 at 12:37 am | | overpeinzing | Geen reacties

Traci Lords

Voormalig porno-actrice en naaktmodel Traci Lords zorgde in 1986 voor grote paniek in de Amerikaanse seksindustrie. Traci maakte naam door in 1984 in de Penthouse te poseren en maakte al snel de overstap naar de pornofilm, waar ze opviel dankzij haar jeugdige uiterlijk en eh... enthousiaste acteerprestaties. Misschien wel wat al te jeugdig, want toen ze de opnames voor haar eerste seksfilm 'What Gets Me Hot!' afrondde, was Traci slechts vijftien jaar oud.

Toen de FBI in 1986 ontdekte dat ze al die jaren onder een valse naam en met een vervalst identiteitsbewijs in de weer was geweest, volgde er een grootscheepse 'schoonmaakactie', die de porno-industrie miljoenen dollars kostte: alle video's en tijdschriften waarin ze te zien was, moesten uit de winkels worden gehaald om aanklachten wegens kinderporno te ontlopen. De als Nora Louise Kuzma geboren blondine dook vervolgens twee jaar onder, kickte af van de drugs, slaagde erin uit handen van de maffia te blijven en riep de hulp in van een psychiater om van haar jeugdtrauma's af te komen.

Begin jaren negentig dook Traci weer op als 'serieus' actrice: ze speelde in diverse (B-)films (zoals Roger Cormans cultfavoriet 'Not Of this Earth' en 'Cry Baby') en tv-series (waaronder 'MacGyver', 'Will & Grace'. 'Melrose Place' en de SF-serie 'First Wave'). En alsof dat allemaal nog niet genoeg was, verscheen in 1995 haar eerste (en enige) album '1000 Fires'. Hoewel de verwachtingen niet al te hooggespannen waren, had waarschijnlijk niemand verwacht dat '1000 Fires' zó goed zou zijn.

Geen wonder, Traci Lords riep de hulp in van Juno Reactor, Ben Watkins van The KLF, Jesus Jones-frontman Mike Edwards en leden van The Thompson Twins. Het album bevat een mengeling van catchy dance en mid-tempo hypnotische ballads, met zwoele, persoonlijke songteksten over haar jeugd en haar verloren onschuld.

Lees meer »

peter Zaterdag 11 April 2009 at 01:04 am | | elektronisch | Twee reacties

Eroc

Toen Joachim Heinz Ehrig (beter bekend als Eroc) in 1975 zijn eerste solo-album uitbracht, was hij zo enthousiast dat hij een groot spandoek maakte met de tekst ''Dies is die erste von 45 Langspielplatten des Drummers von Grobschnitt, Erwerb und bezits auf eigene Gefahr...'' (Oftewel: Dit is de eerste van 45 lp's van de drummer van Grobschnitt. Aanschaf en bezit voor eigen risico...) Eroc was nog jong (23 toen zijn debuut uitkwam) en zat vol grootse plannen en idealen: hij wilde elk jaar een lp uit te brengen, om uiteindelijk in het bejaardentehuis tevreden terug te kijken op een bloeiende carrière.

Met die carrière is het helemaal goed gekomen, met het aantal solo-platen iets minder. De teller is blijven steken op vijf lp's, inclusief een hit in Duitsland (het instrumentale 'Wolkenreise' uit 1980). Grobschnitt stond (en staat) bekend om hun symfonische rockmuziek en multidisciplinaire live-shows met de nodige humor, maar Eroc pakte het solo anders aan. Hij mag dan wel van origine drummer zijn, net zoals Klaus Schulze (die ooit begon als drummer bij Tangerine Dream) heeft hij een grote voorliefde voor allerhande synthesizers en 'Eroc 1' is dan ook een grotendeels elektronische aangelegenheid.

Door sommigen wordt Erocs debuut beschouwd als een essentieel krautrockalbum, maar zover zou ik niet willen gaan. De lp zwalkt heen en weer tussen dromerige nummers (zoals het 12 minuten durende 'Kleine Eva', met fijn aanzwellende analoge synths, het toch wel enigszins irritant piepende 'Des Zauberers Traum' en 'Sternchen'), experimentele klanken à la Faust ('Chaotic Reaction' en het bizarre 'Horrorgoll' met door de mangel gehaalde stemmen) en progressieve synthrock (het Gandalf-achtige 'Norderland'). De typische Grobschnitt-humor komt terug in enkele korte samples en (niet zo heel grappige) sfeerschetsen.

'Eroc 1' komt redelijk gedateerd over en is vooral leuk voor wie - net zoals ik – niet genoeg kan krijgen van obscure elektronica uit de jaren zeventig... Luister zelf (320 kbps, 90 MB, inclusief vier best aardige bonustracks).

peter Donderdag 09 April 2009 at 12:36 am | | krautrock | Eén reactie

Hacker

Het had wat voeten in aarde, maar Araglin.nl is weer online! En voor wie zich nu afvraagt 'huh? Heb ik wat gemist dan?', van gisteravond tot vandaag was mijn log niet bereikbaar. Een of andere  hacker zonder sociaal leven vond het nodig om mijn vertrouwde, saaie openingspagina te vervangen door een in BreEzaH-taal opgestelde warboel. Ik zuchtte eens diep. Er zijn duizenden, zo niet miljoenen weblogs, waarom moet nu uitgerekend die van mij worden uitgekozen?

Gelukkig bleek het slechts om een zogenoemde 'defacement' te gaan: alleen de voorpagina was aangepast – het zou een beetje jammer zijn als bijna vijf jaar aan archieven door een of andere malloot naar de eeuwige weblogvelden zou zijn geholpen. Natuurlijk, ik maak zo af en toe een back-up, maar je kent het wel: de laatste dateert alweer van een tijdje geleden...

Ik snap die hackers niet. Het is alsof er in het holst van de nacht iemand aan de deur zit te morrelen, door een halfopen keukenraampje naar binnen is geklommen en in de woonkamer een drol heeft gedraaid. En alsof dat niet genoeg was, moest de poep ook nog worden uitgesmeerd. En wie moet de boel weer opruimen? In ieder geval: ik ben weer online en zal de komende dagen weer ouderwets stukjes gaan tikken!

peter Woensdag 08 April 2009 at 12:35 am | | overig | Zes reacties

Mail

Even een korte huishoudelijke mededeling tussendoor: bij toeval ontdekte ik dat het mailadres araglin@araglin.nl, dat al sinds jaar en dag prominent onder het kopje 'Over Araglins muziekog' te vinden is, niet werkt. Sterker nog, ik heb het vermoeden dat dit mailadres eigenlijk al heel lang niet meer werkt. Ik vond het al zo verdacht rustig...Als je me dus de afgelopen maanden een mail hebt gestuurd en nog altijd wacht op een antwoord: mijn excuses!

Ik heb tijdelijk het adres aangepast en probeer de oorzaak te achterhalen van deze 'storing'. Edit: dankzij hoster Sacha is het probleem opgelost! Mailtjes die de afgelopen maanden zijn verstuurd, zweven echter in cyberlimbo en zullen nooit hun einddoel bereiken. Dussuhh... nog een keer mailen mag altijd!

peter Maandag 06 April 2009 at 12:14 am | | overig | Twee reacties

Trafassi (reprise)

Bij zomers weer hoort zomerse muziek, en wat is er nu zomerser dan Trafassi? De Surinaams-Nederlandse groep zorgt al bijna dertig jaar voor een exotische, tropische bries door Nederland, in een niet aflatende queeste om ons stijve bleekscheten aan het dansen te krijgen. Deze missie klinkt moeilijker dan hij is, want wie wel eens een optreden van Trafassi heeft bijgewoond of een cd'tje heeft opgezet, weet hoe onweerstaanbaar vrolijk de band rond frontman Edgar 'Bugru' Burgos is.

Trafassi (Surinaams voor 'ommezwaai') werd in 1981 opgericht en maakte al snel naam als opzwepende liveband. Na een handvol nauwelijks opgemerkte singles werd in 1983 de vrolijke 'Je t'aime'-parodie 'Me Jam' opgepikt door Radio 3 en twee jaar later was het raak: in de zomer van 1985 scoorde Trafassi een gigantische hit met het aanstekelijke 'Wasmasjien'. Het zou jammer genoeg bij deze ene hit blijven: opvolger 'Strijkplank' haalde nog geen eens de Tipparade. De daaropvolgende jaren bracht Trafassi regelmatig singles en albums uit (waaronder 'Stuivertje, Dubbeltje, Kwartje, Gulden' (1993) 'Funchi' (1995), 'Pompen' (1996), 'Euro 1-2-5' (2002) en diverse melige voetbalsingles), maar de hits bleven uit. En zo ging de groep de muziekgeschiedenis in met die ene hit, die langzamerhand steeds meer werd geconfisqueerd door... tja, van die après ski-liefhebbers en samenstellers van zogenaamde 'foute'-cd's.

Geheel onterecht, als je het mij vraagt. Nu heb ik weinig verstand van Caraïbische muziek en natuurlijk, de teksten zijn niet al te diepzinnig, maar tjonge, het swingt allemaal als een trein! Zomerse stijlen als merengue, kaseko (Surinaamse dansmuziek), salsa, zouk, calypso en dancehall worden moeiteloos afgewisseld en het tempo ligt onverminderd hoog. Knappe jongen die stil kan blijven zitten! Luister naar een groot aantal tracks (320 kbps, 84 MB), waaronder het geinige 'Stuivertje, Dubbeltje, Kwartje, Gulden', 'El negro no puedo (waka waka)', 'Mireya bin buske', 'Contabai swa' en natuurlijk 'Wasmasjien'.

peter Vrijdag 03 April 2009 at 4:12 pm | | flashback | Geen reacties

Ballroom Blitz

Toen Prince in 1981 tijdens een optreden als voorprogramma van The Rolling Stones middels een regen van bierflesjes en andere zooi van het podium werd gekogeld, ging hij na afloop in een hoekje zitten huilen. Andere artiesten en bands zijn niet zo kleinzielig en als de geschiedenisboeken erop na had geslagen, had hij kunnen weten dat je zo'n frustrerende ervaring ook om kunt zetten in een wereldhit. Want 'Ballroom Blitz' (1973) van The Sweet is geïnspireerd op een dergelijk desastreus verlopen optreden.

De Engelse glamrockband trad begin jaren zeventig in de Schotse plaats Kilmarnock en de leden werden door hun uitbundige, ietwat vrouwelijk ogende kleding niet met open armen ontvangen door de lokale stoere binken. Al snel moesten bassist Steve Priest, gitarist Andy Svott, drummer Mick Tucker en frontman Brian Connolly hun toevlucht backstage zoeken – het spelen werd hun door rondvliegende glazen bier onmogelijk gemaakt. 'Ballroom Blitz' is een verslag van wat er die avond gebeurde. Het opzwepende nummer wordt door veel filmmakers als inspiratie gebruikt. Wat zou 'Wayne's World 2' bijvoorbeeld zijn zonder 'Ballroom Blitz'? Of de Franse film 'La vie ne me fait pas peur?'? In deze film spreekt een groep rondtrekkende meisjes geen Engels – op twee woorden na: 'ballroom blitz'.

Ook Quentin Tarantino is fan. Hij gebruikte de track in zijn korte debuutfilm 'My Best Friend's Birthday' en heeft lange tijd overwogen het ook in 'Reservoir Dogs' te gebruiken tijdens de beroemde 'oorscène'. Op het laatste moment besloot hij dat 'Stuck In The Middle With You' van Stealers Wheel toch beter zou werken... Overigens is 'Ballroom Blitz' geschreven door de succesvolle glamrocktandem Nicky Chinn en Mike Chapman, die ook verantwoordelijk waren voor de hits van bijvoorbeeld Suzi Quatro (rockchick avant la lettre), Smokie, Mud en Exile (je weet wel, van die ene hit: 'Kiss You All Over'). Ben je even kwijt hoe 'Ballroom Blitz' ook alweer klonk? Klik hier voor een geinig clipje.

(Uit: 'Top 2000 - tien jaar liedjes, lijstjes en verhalen', uitgeverij L.J. Veen, 2008. ISBN 978-90-204-2200-9. Enigszins aangevuld en herschreven.)

peter Donderdag 02 April 2009 at 12:29 am | | flashback | Geen reacties

Blip.fm

In iedere muziekliefhebber schuilt wel een exhibitionist of een evangelist (vaak een mix van beide, overigens). De exhibitionistisch aangelegde liefhebber heeft een Last.fm- of Twones-account en laat zonder blikken of blozen in MSN weergeven waar hij of zij naar luistert. De evangelist daarentegen komt voortdurend aanzetten met albums die je écht moet luisteren, artiesten van wie niemand ooit gehoord heeft en is altijd een of twee hypes verder. En laat dat nu precies zijn wat de relatief nieuwe muziekdienst Blip.fm doet.

Je zou Blip.fm kunnen omschrijven als een muzikale Twitter-variant: je typt de naam in van een liedje of groep, schrijft er eventueel een kort tekstje bij (maximaal 150 tekens), klikt op OK en de track schalt uit de speakers of koptelefoon. Andere bezoekers zien vervolgens jouw 'blip' voorbijkomen, kunnen meeluisteren, belanden misschien op jouw persoonlijke pagina en kunnen dan met een simpele muisklik beluisteren wat je nog meer hebt 'geblipt'.

Omgekeerd werkt het natuurlijk ook: je klikt op een 'blipper' die fijne muziek aan het uitkiezen is en kijkt wat hij of zij nog meer voor leuks heeft gedraaid. En om een soort 'competitie-element toe te voegen aan Blip.fm, is het mogelijk om (maximaal elf) 'props' uit te delen; hoe meer 'props' hoe populairder iemand is. Het aanbod wordt voornamelijk samengesteld door de gebruikers zelf: zij kunnen links aan de database toevoegen (hoe het precies zit het met de auteursrechten wordt wijselijk nergens vermeld), waardoor Blip.fm prima is in te zetten als een ronkende pr-machine voor beginnende artiesten.

Ik heb een avondje zitten blippen, maar werd nog niet echt gegrepen. Niets mis met een sociaal muzieknetwerk dat je op een laagdrempelige wijze laat kennismaken met tal van bekende en onbekende artiesten – maar pfff... ik begin zo langzamerhand enigszins 'netwerkmoe' te worden. Het aanbod is overweldigend en om eerlijk te zijn hoef ik geen greintje moeite te doen om nieuwe muziek op het spoor te komen en zet ik vaak puur uit luiheid de streaming radiozender van Last.fm aan om leuke muziek voorgeschoteld te krijgen, zonder me een weg te hoeven banen door duizenden gebruikers. Maar in ieder geval: als ze het slim aanpakken, zou Blip.fm wel eens behoorlijk groot kunnen worden...

peter Woensdag 01 April 2009 at 12:54 am | | interessant | Eén reactie