Money

De ironie en het sarcasme van Pink Floyd-frontman Roger Waters zijn door velen nooit goed begrepen. Talloze mensen dachten bijvoorbeeld dat Pink Floyds 'Money' een lofzang op geld en kapitalisme was. Logisch, want het nummer (afkomstig van 'Dark Side of the Moon' uit 1973) zorgde ervoor dat de groep miljoenen lp's verkocht. Maar in feite is het een bijtende protestsong, die anno 2010 nog altijd bijzonder actueel is. Jaren later werd de zinsnede ''new car, caviar, four star daydream, think I'll buy me a football team'' uit 'Money' gebruikt in de speelfilm 'The Wall'. Als hoofdpersoon Pink stiekem in de klas een gedichtje aan het schijven is, wordt hij betrapt. ''It's rubbish, laddy!'' jent zijn leraar, die de tekst luid voorleest. ''Now get back to work!''

Het gerucht gaat dat als je 'Dark Side of the Moon' tegelijkertijd afspeelt met de film 'The Wizard of Oz', beeld en geluid exact synchroon lopen. Roger Waters heeft dit altijd ontkend, maar als je dit inderdaad doet, begint de overgang van zwart-wit naar kleur grappig genoeg precies op het moment dat je het eerste muntgerinkel van 'Money' hoort. Waters heeft voor de opname eigenhandig muntjes in een weegschaal staan gooien en de boel dusdanig verknipt dat het gerinkel een ritmisch geheel vormt. In die tijd waren er nog geen digitale opname-middelen beschikbaar en voor deze sessie was naar verluidt meters en meters aan tape nodig.

Toen Pink Floyd in 1981 de verzamelaar 'A Collection of Great Dance Songs' uitbracht, werd 'Money' een speelbal tussen diverse rechthebbenden die elkaar de originele opnamen niet gunden. Om van het gezeur af te zijn, nam Floyd-gitarist David Gilmour samen met producer James Guthrie en saxofonist Dick Parry (die ook op het origineel was te horen) het nummer opnieuw op – zodat iedereen nóg meer kon verdienen aan dit protestnummer...

Uit: 'Top 2000 – volume 2', uitgeverij L.J. Veen, 2009. ISBN 9789020420166. Lichtjes aangevuld en enigszins herschreven. Zie hier voor nog meer informatie!

arnold Woensdag 28 April 2010 at 12:12 am | | interessant | Zes reacties
Gebruikte Tags: ,

Lust for Life

''Kijk, de Revolver heeft een nieuwe naam.'' Ik wapperde enthousiast met het muziektijdschrift naar vriendin Eva, die tegenover me aan tafel zat. ''Aha'', zei ze, ''en hoe heet het nu? Pistool?'' Ze barstte in een bulderend gelach uit en ging weer verder met waar ze mee bezig was. Mja, dacht ik, toen ook ik was uitgelachen, ze geeft wel precies aan waarom de naamsverandering nodig was: de meeste mensen denken bij 'Revolver' nu niet direct aan het gelijknamige Beatles-album (uit 1966), want anders had Eva wel iets geroepen als 'Help!' of 'Rubber Soul'. ''Hoe heet het nu dan?'' vroeg ze even later. ''Lust for Life'', antwoordde ik. Vriendin Eva: ''Huh?'' En wederom de spijker op zijn kop: de associatie met het gelijknamige Iggy Pop-album (uit 1977) ligt eveneens niet echt voor de hand - dus of dit nu zo'n goede keuze is?

Maar goed, na een hoop gedoe (waaronder het faillissement van de oude uitgever) wordt het roer definitief omgegooid. En dat blijkt al direct uit de 'pay-off': ''Mannenblad over muziek & meer''. Uitgever Mark Postema van Music Media Maker Group: “Wij hopen het mannenblad onder de muziekbladen te worden. Het blijft een muziekblad, maar we richten ons nu op alles wat boeiend is in het leven van de oudere muziekliefhebber.''

Revolver was al niet bedoeld voor een jong publiek en met Lust for Life wordt dat er niet veel beter op: Postema mikt op de vijftigplusser (en vandaar ook het grotere lettertype). ''Met oudere muziekliefhebber bedoelen we uiteraard geen oude mannetjes die alleen nog maar hun tuin staan te schoffelen, maar mensen die vol in het leven staan en nog regelmatig naar concerten gaan.”

Gloep. Ik behoor dus niet tot de doelgroep?

In het voorwoord schrijven hoofdredacteuren Paul Gersen en Martin Cuppens: ''We gaan graag op reis, vinden het super om een avondje in de bioscoop of soms zelfs in het theater te zitten en worden warm van de mooie dingen des levens: net als jullie wereld is die van ons dus een stuk groter dan muziek alleen. […] Wat je van ons kunt verwachten? Leuke muzikale reportages in Europese steden, uitgaanstips van onze eigen film- en theaterkenners en interessante speledingetjes waar je echt wat aan hebt.''

Dit klinkt allemaal redelijk rampzalig en misschien zelfs wat wanhopig, maar in de praktijk valt het allemaal wel mee. In het eerste (erg fraai vormgegeven) nummer 'nieuwe stijl' komen de vertrouwde gezichten langs (Beatles, Johnny Cash, Meat Loaf) en wordt als vanouds de helft van het tijdschrift besteed aan recensies. Inhoudelijk is er dus vooralsnog niet zo veel veranderd en mijn kritiek is nog altijd hetzelfde: ik mis de 'autoriteit' die je in bijvoorbeeld Oor wél terugvindt. Lust for Life wordt vooral door enthousiaste vrijwilligers volgeschreven en dat zie je er ook aan af. Er valt nauwelijks een onvertogen woord en Gersen en Cuppens moeten uitkijken dat het niet de kant opgaat van de veredelde reclamefolder Off the Record.

Overigens - en dit vind ik zelf altijd erg interessant - de oplage van Revolver schommelt volgens Postema tussen de 15.000 en 18.000 stuks. En dat is dan de complete oplage neem ik aan; ik neem redelijkerwijs aan dat de betaalde oplage een stuk lager ligt. Ik gok op 6000 nummers in de losse verkoop en een abonneebestand van een paar duizend mensen.  Correct me if I'm wrong! (bron van citaten Mark Postema: 3Voor12)

arnold Maandag 26 April 2010 at 12:13 am | | nieuws | Acht reacties
Gebruikte Tags:

Erotic Dreams (update)

Eens in de zoveel tijd zie ik 'm voorbijschuiven op muziekfora en diverse muzieklogs: 'Erotic Dreams', het bootleg-album van Enigma, dat vlak na 'MCMXC A.D.' (1990) zou zijn verschenen, maar nooit officieel is uitgebracht. Het album zou begin jaren negentig voor het eerst zijn opgedoken in Oost-Europa en de schakel vormen tussen de Gregoriaanse dance van het verrassend succesvolle debuut en de wereldmuziek op opvolger 'The Cross of Changes' (1993).

Ik gebruik inderdaad iets te vaak het woord 'zou', want dit is helemaal geen Enigma-album. Creatieve geesten hebben zelf een alleraardigst hoesje in elkaar geflanst (zie afbeelding links) om te verdoezelen dat het in feite om het album 'Temple of Love' van de Nederlandse groep Erotic Dreams gaat. En inderdaad, als je niet al te goed luistert, zou het allemaal met een beetje goede wil kunnen doorgaan voor de muziek waar de Roemeense componist en producer Michael Cretu furore mee maakte. Vooral de eerste track, 'Temple of Love', is een schaamteloos aftreksel van 'Sadeness': de standaard Enigma-beat, Gregoriaanse gezangen, een sfeervolle panfluitsynthesizer... Enkele nummers later duikt er zelfs fluisterende vrouwenzang op om de vergelijking helemaal compleet te maken.

'Temple of Love' werd in 1998 uitgebracht door Dino Music, en een sticker op het doosje ('Bekend van tv!') moest de nieuwsgierige koper over de streep trekken. De muziek op het album werd namelijk gebruikt in het gelijknamige soft-erotische programma, waarin eigenlijk voornamelijk korte fragmenten uit de erotische films van regisseurs als Andrew Blake en Michael Ninn aan elkaar waren geplakt - minus de al te expliciete scènes. Voor de juiste sfeer zorgde zweverige dance (toentertijd bekend onder de noemer 'dream dance') van andere Sacred Spirit, Enigma, Robert Miles, Dance 2 Trance en Erotic Dreams.

Achter Erotic Dreams scholen Jan Dekker, Ruud van Es en Rob Papen en laatstgenoemde twee maakten weer deel uit van de Nederlandse synthesizergroep Peru, die als Nova in 1982 een verrassingshitje scoorden met het instrumentale 'Aurora'. Ogenschijnlijk misschien een rare keuze om voor dit drietal te kiezen, maar Peru had op het (geflopte) album 'The Prophecies' al laten horen behoorlijk uit de voeten te kunnen met dance. Voor meer informatie over Nova verwijs ik je graag naar deze entry uit de oude doos.

'Temple of Love' is geen miskend meesterwerk, maar leuk genoeg om weer eens op te zetten - als je tenminste de bovengenoemde artiesten leuk vond en niet per se behoefte hebt aan bijzonder originele of grensverleggende muziek. Luister zelf: Erotic Dreams - 'Temple of Love' (320 kbps, 114 MB - hier een WeTransfer-link).

arnold Donderdag 22 April 2010 at 12:16 am | | flashback | Drie reacties
Gebruikte Tags: , , ,

Babymuziek

Universitair hoofddocent muziekcognitie Henkjan Honing beschrijft in zijn boek 'Iedereen is muzikaal' (Nieuw Amsterdam, 2009)  hoe wetenschappers het maatgevoel van baby’s onderzoeken. De zuigelingen krijgen een pulserend ritme te horen, waarin op het muzikaal belangrijkste moment een rust is ingebouwd. Honing noemt dit een 'luide rust'. Het blijkt dat de babyhersens op dezelfde manier reageren als de hersenen van volwassenen, aan wie gevraagd was om bij de luide rust op een knop te drukken. De conclusie is dus volgens Honing logischerwijs dat maatgevoel een aangeboren vaardigheid is.

Als dat inderdaad zo is, bedacht ik me tijdens het lezen, is het eigenlijk een kleine stap naar het daadwerkelijk muzikaal opvoeden van baby's. Je kunt immers niet vroeg genoeg beginnen, nietwaar? Aan de andere kant: om kleine kinderen nu gelijk bloot te stellen aan bijvoorbeeld AC/DC of Captain Beefheart, tja, da's ook weer zo wat. Maar ja, peinsde ik verder, je wilt toch ook niet de hele dag van die zoetsappige kinderliedjes opzetten, waar je dan - of je het nu wilt of niet - naar gaat zitten luisteren.

Nu heb ik geen kinderen, laat staan een kirrende baby, maar mocht het misschien ooit nog zover komen, dan roep ik heel misschien de hulp in van de Argentijn Mariano Yanani. Hij is namelijk vol overgave in een tja… opmerkelijke muzikale lacune gesprongen: rockmuziek in een babyjasje. Oftewel: bekende hits van grote namen als Queen, U2, Coldplay en de Rolling Stones in een rustieke klingelklangel-uitvoering, waarvan de baby moeiteloos in slaap valt - over sublimale boodschappen gesproken…

Informatie over Yanani is nogal schaars (ik kon in ieder geval nauwelijks iets vinden), maar wie goed zoekt, schijnt zijn 'Babies go… [vul de naam van de artiest in]'-serie te kunnen aanschaffen in tal van goed gesorteerde babywinkels. Het klinkt allemaal bijzonder fascinerend en op een bizarre, unheimische speeldoosmanier toch bekend. Luister zelf: Babies go… Queen' en 'Babies go… Rolling Stones' (192 kbps en 160 kbps, bij elkaar in een zipje van 110 MB - en voor de liefhebbers een WeTransfer-link).

Ook leuk materiaal voor een muziekquiz, trouwens.

Admin Maandag 19 April 2010 at 11:45 pm | | weird | Geen reacties
Gebruikte Tags: , , ,

In Holland staat een huis

Wij Nederlanders zijn niet zo chauvinistisch als het om onze muziek gaat. De export van Nederlandse muziek levert weliswaar jaarlijks zo'n 35 miljoen euro op (waarvan de helft op rekening komt van dance), maar om nu te zeggen dat deze muziek typisch Nederlands is, nou nee. In bijvoorbeeld het doorwrochte 'World Music: The Basics' laat de Amerikaanse auteur Richard Nidel talloze landen en kenmerkende artiesten de revue passeren. Nederland wordt echter niet genoemd - wel België en Duitsland. En als je er over na denkt: bestaan er überhaupt wel artiesten die putten uit typisch Nederlands cultureel erfgoed? Het Gelderse Heidevolk zingt bijvoorbeeld over allerhande lokale legenden en duikt diep in de heidense geschiedenisboeken, maar de muzikale wortels zijn verankerd in metal. Iets dergelijks geldt ook voor groepen als Fungus of Wolverlei, die met name putten uit vooral de Engelse folktraditie.

Misschien leg ik de lat te hoog en is het beter om te veronderstellen dat typisch Nederlandse muziek niet bestaat, maar dat nummers als '15 miljoen mensen', 'Dromen zijn bedrog' of 'Een vlieger' prima voldoen. Als je echter enige moeite doet, is er veel meer op te diepen. Zo bracht Philips In de jaren negentig onder de noemer 'Dutch Masters' een groot aantal albums uit met klassieke muziek, gedirigeerd of vertolkt door Nederlandse musici. Als smakelijk lokkertje zag eind jaren negentig het - inmiddels - niet meer verkrijgbare album 'In Holland staat een huis' het licht, dat een bonte verzameling 'oud-Hollandse' liederen bevatte.

Fraai zijn bijvoorbeeld de zes barok-achtige variaties op het kinderliedje 'In Holland staat een huis', gearrangeerd door Hugo de Groot (1897-1986) en uitgevoerd door het Reicha Quintet. Andere klassiekers zijn onder meer 'Aan de Amsterdamse grachten', in 1955 geschreven door Pieter Goemans (1925-2000), en 'Ik hou van Holland', in de uitvoering van Christina Deutekom (1931). Bijzonder (en dan vooral uit historisch oogpunt) is de orgelvariatie op 'Merck toch hoe sterck' (over het beleg en ontzet van Bergen op Zoom) door Feike Asma (1912-1984), in 1968 opgenomen in de Oude Kerk te Amsterdam.

De in de jaren vijftig wereldberoemde zangeres Aafje Heynis (1924) zingt diverse kinderliedjes, terwijl het Koninklijk Concertgebouworkest zich in een opname uit 1939 waagt aan 'Oudnederlandse dansen Opus 46: Saltarelle' van de Duits-Nederlandse componist en dirigent Julius Röntgen (1855-1932). Ton Koopman (1944) clavecimbelt zich door 'Een linde groen', geschreven door Jan Pieterszoon Sweelinck (1562 -1621). Laatstgenoemde woonde en werkte 400 jaar geleden op de Amsterdamse Wallen rond het Oudekerksplein en schreef een lied over de lindebomen op dit plein - die er nog altijd staan.

En tot slot (en dan heb ik nog lang niet alles gehad): de 'Piet Hein Rapsodie' van componist en dirigent Peter van Anrooy (1879-1954). Voor oudere lezers (en ik hoop dat die er zijn) is Van Anrooy ongetwijfeld een bekende naam; hij presenteerde het populaire AVRO-radioprogramma 'Inleiding tot muziekbegrip', schreef een groot aantal boeken en was daarnaast een niet onverdienstelijk componist. In 1900 schreef hij zijn bekendste werk 'Piet Hein Rapsodie', dat net zo goed over iets heel anders had kunnen gaan. Van Anrooy worstelde namelijk al een tijdje met een gelegenheidscompositie, maar slaagde er maar niet in om iets leuks te verzinnen. Zijn leermeester Johan Wagenaar raakte hierdoor zo gefrustreerd dat hij - volgens de overlevering - uitriep: ''Kom op nou, schrijf desnoods iets over de Zilvervloot, maar doe wat!'' Verrek, dacht Van Anrooy, en componeerde vervolgens variaties op 'Piet Hein, Piet Hein zijn naam is klein / zijn daden benne groot', het lied over de Nederlandse admiraal die vooral bekend is geworden door de verovering van de Spaanse zilvervloot  in 1628.

Luister zelf: 'In Holland staat een huis' (320 kbps, 103 MB - hier een WeTransfer-link voor de liefhebber).

arnold Zondag 18 April 2010 at 6:15 pm | | klassiek | Twee reacties
Gebruikte Tags: ,

Record Store Day 2010

Cd-verkopen dalen, en in poging het tij en de gemiste inkomsten te keren, schrappen steeds meer winkelketens met een botte bijl in hun muziekaanbod en word je getrakteerd op een gestaag uitdijende hoeveelheid dvd's en allerhande soorten games. Met als gevolg dat er minder cd's worden verkocht, het aanbod schraler en schraler wordt, je noodgedwongen naar het internet uitwijkt en er dus weer minder cd's worden verkocht - waarna het liedje weer van voren af aan begint.

Nu is er natuurlijk geen man overboord als een grote keten als Free Record Shop / Van Leest stopt met de verkoop van muziek (aanbod was toch al abominabel, hoewel verrassend genoeg de FRS aan de Oudegracht in Utrecht opeens heel veel klassieke muziek aanbiedt - de oudere generatie heeft geld, houdt van klassiek én kan niet downloaden moet ongetwijfeld de gedachte zijn), maar het zou jammer zijn als de kleine, gespecialiseerde platenzaakjes in deze trend worden meegesleurd.

Dus doe eens gek en loop aanstaande zaterdag (17 april) je lokale platenzaak binnen en koop een cd of lp. Waarom nu juist zaterdag? Nou, het is dan International Record Store Day, oftewel: de internationale viering van de onafhankelijke platenzaak. Dit initiatief ontstond in 2007 toen diverse Amerikaanse winkels de handen ineen sloegen en met live optredens, kortingsacties en wat dies meer zij de muziekliefhebber naar hun winkels probeerden te lokken.

Ook in Nederland heeft dit initiatief langzamerhand voet aan de grond gekregen en inmiddels doen meer dan zestig platenwinkels mee. Niet alleen liggen er grote stapels cd's en andere muzikale parafernalia voor een zacht prijsje in de schappen (of althans, daar ga ik vanuit), ook tal van (relatief onbekende) artiesten maken hun opwachting voor een in-store optreden. Hier vind je de lijst met alle deelnemende platenzaken - en nee, ik word niet gesponsord.

arnold Vrijdag 16 April 2010 at 11:46 pm | | nieuws | Geen reacties

Peter Steele (1962 - 2010)

Life is coming to an end
So says me, me wiccan friend,
Nature coming full circle

Winter's breath of filthy snow
Befrosted paths to the unknown,
Have my lips turned true purple

I'm the green man

arnold Donderdag 15 April 2010 at 3:04 pm | | nieuws | Drie reacties

Platenbeurs 2010

Afgelopen weekend vond in de Utrechtse Jaarbeurs de 33ste editie plaats van de Mega Platen & CD Beurs en vanzelfsprekend was ik van de partij - wat is er immers leuker dan uren door bakken met cd's spitten? Ik hád een keurige lijst (of een notebookje met Excel) en een handzaam platenspelertje mee kunnen nemen, me manmoedig en nauwgezet door vele kilometers vinyl worstelend. Hád gekund. In plaats daarvan liep ik vrolijk pompommend langs de tientallen kraampjes, de stands mijdend waar het te druk was of waar diep voorovergebogen mannen (het zijn altijd mannen) met uitpuilende rugzakken de groeven van lp's aan het bestuderen waren.

Ik heb het al vaker gezegd: ik ben geen verzamelaar, maar een liefhebber. En zonder een greintje stress en met een gestaag uitdijende tas met cd's, liep ik dan ook door de immense hal, af en toe op een koopje stuitend (Leon Verdonschots meer dan vuistdikke muziekverhalenboek voor 5 euro bij de Oor-stand kan niemand laten liggen, toch? Of anders 'Farscape' van Klaus Schulze en Lisa Gerrard voor 6 euro?). En zoals altijd viel het me op dat het aanbod weliswaar ontzettend groot is, maar dat het aangebodene valt te omschrijven als 'meer van hetzelfde': metal, psychedelica, de onvermijdelijke Elvis-, Beatles- en Rolling Stones-fanclubs, sixties en af en toe een prog-standje.

Je hoort mij overigens niet klagen, want dat houdt in dat in de bakken op de grond soms new age, elektronica en andere wazige shit was te vinden, die toch niemand wil hebben. Tot mijn verrassing ontwaarde ik overigens één kraampje met neofolk, martial, dark ambient en meer van dat duistere fraais. Ik geloof niet dat de standhouder in kwestie veel klanten had en vrees het ergste voor de volgende editie.

Ik ben in ieder geval in mijn nopjes met onder andere cd's van de Duitse new age-fluitiste Luna, albums van Gert Emmens, een handvol Freedom Call, de fraaie box 'Looking for Europe', een fikse stapel easy listening én de nieuwe Heidevolk – om er eens een paar uit te lichten. En voor de liefhebbers: de volgende editie staat gepland voor het weekend van 20 en 21 november!

arnold Dinsdag 13 April 2010 at 01:01 am | | overig | Geen reacties
Gebruikte Tags:

Stabat Mater (reprise)

Een van de bekendste gebeden uit de middeleeuwen is ongetwijfeld het 'Stabat Mater', ook wel bekend als 'Stabat Mater dolorosa' (oftewel: 'de Moeder stond door smart bevangen'). In het gebed staat de treurende Maria centraal, die bij het kruis van haar zoon zowel rouwt om hem als om de gehele mensheid. Het is niet precies bekend wie het Stabat Mater heeft geschreven. Naar alle waarschijnlijkheid is de Latijnse tekst tussen de 12e en 14e eeuw opgetekend door een Italiaanse of Franse monnik uit de Franciscanenorde. Historici hebben verschillende monniken gebombardeerd tot auteur (onder wie Johannes Fidenza, John Pecham en Jacopone van Todi), maar de echte Franciscaner moet nog steeds opstaan.

Hoe het ook zij, de onbekende schrijver heeft vooral inspiratie geput uit Lucas 2, vers 35 en Johannes 19, vers 25 ('Bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder met haar zuster […]', in het Latijn: 'Stabant iuxta crucem Iesu mater eius […]'). Het was de bedoeling dat je jezelf tijdens het lezen of zingen van de tekst opzweepte tot een staat van 'compassio', met een in azijn gedoopte spons voor een ultrarealistisch effect, om vervolgens onder Maria's hoede 'de hemelse vreugde deelachtig te worden'.

Het gebed werd in de vijftiende eeuw opgenomen in de misliturgie en vervolgens opgepikt door talloze componisten die ervoor zorgden dat het Stabat Mater uitgroeide tot een religieuze evergreen, vaak uitgevoerd rond Pasen. Best een prestatie, want het gebed is lichtelijk saai en monotoon. De bekendste uitvoering is die van Giovanni Battista Pergolesi (die het gebed in twaalf stukken verdeelde met elk een eigen muzikale gevoelswereld), maar ook grote namen als Joseph Haydn, Franz Schubert, Antonin Dvorák en Giuseppe Verdi hebben zich aan (iets minder geslaagde) versies gewaagd.

En hoewel de uitvoering van Pergolesi ronduit prachtig is, heb ik toch een groter zwak voor het Stabat Mater van Antonio Vivaldi, en dan vooral in de uitvoering van Ensemble 415 en counter tenor Andreas Scholl. Nu ben ik niet zo’n fan van counter tenors, maar wat Scholl laat horen is ronduit verbluffend. Vivaldi componeerde zijn versie in 1711 voor een religieus festival in het Noord-Italiaanse stadje Brescia. Hij had kennelijk nogal haast; de vioolpartijen zijn simpel gehouden, de muziek bevat veel herhaling en bovendien zijn niet alle strofen zijn op muziek gezet. Maar juist dankzij de 'kale' uitvoering, wint Vivaldi's versie aan diepte. Luister zelf: 'Stabat Mater' (320 kbps, 32 MB - een WeTransfer-link volgt zo snel mogelijk) uitgevoerd door Ensemble 415 en Andreas Scholl onder leiding van Chiara Banchini.

arnold Vrijdag 09 April 2010 at 12:03 am | | klassiek | Geen reacties

Sarah

Ze was haar tijd niet mijlenver vooruit, maar toch zeker wel een jaar of zeven. In de winter van 1999 scoorde de toen 21-jarige Sarah Geels (dochter van filmproducent Laurens Geels) een bescheiden hitje met 'Ik Laat Me Gaan'. Bijzonder was dat dit niet alleen een van de eerste Nederlandstalige dance-nummers was, maar dat Sarah ook het middelpunt was van een heus multimedia-concept, inclusief een speciale site, webcamsessies en online bonusmateriaal. Anno 2010 de gewoonste zaak ter wereld, maar in 1999 behoorlijk vernieuwend.

Sarah Geels werd ontdekt door zanger, presentator en radio-dj Eric Corton, die begin 1999 toevallig een optreden bijwoonde van haar (school)band en onder de indruk raakte van haar stem en charisma. Hij tipte het producersduo Ton Sijmons en Ramon Braumuller. De twee hadden naam gemaakt met tal van radio- en tv-commercials, en wilden nu een carrière op poten zetten in de muziekindustrie. Sijmons had 'Ik Laat Me Gaan' geschreven, maar een geschikte zangeres had zich nog niet aangediend - eerder had hij het nummer laten inzingen door Sheila Timmerman (inderdaad, een van de dochters van Gert & Hermien), maar dat was het toch niet helemaal. Sarah Geels kwam dan ook als geroepen.

Platenmaatschappij Universal zag het project wel zitten, maar Sijmons, Braumiller en Corton hadden hoge verwachtingen en besloten Sarah zelf in de markt te zetten. Samen met reclamebureau BSUR (Be As You Are) richtten ze een platenlabel op, werd er een innovatieve website in elkaar geknutseld en schoot de bekende commercialregisseur Paul Vos de videoclip voor 'Ik Laat Me Gaan'. De single was redelijk succesvol, maar opvolger 'Labyrint'  bleef steken in de bovenste regionen van de hitlijsten. Sarahs debuut 'Wat Ik Wil' (2000) deed het niet veel beter; het album bracht slechts één week door in de Album Top 100.

En zo viel geruisloos het doek voor Sarah. Ze probeerde het vervolgens enige jaren als achtergrond- en sessiezangeres, en is sinds 2005 nu frontvrouwe van de coverband Tour De Funk.  Het is jammer dat het zo gelopen is, want 'Wat Ik Wil' is een prima album, dat qua sfeer nauw verwant is met Madonna's 'Ray of Light' (1998).

Een van de voornaamste redenen waarom de doorbraak uitbleef, had volgens mij te maken met haar imago: Sarah werd neergezet als een sensuele blonde stoeipoes, die, gekleed in spannende outfitjes, allerlei ondeugende dingen deed voor de webcam. Haar album was echter een stuk serieuzer, met redelijk poëtische teksten over voornamelijk relaties en intimiteit. Bovendien werd op 'Wat Ik Wil' regelmatig het gas teruggenomen (waardoor het ook geschikt was voor in de woonkamer) en zaten de elf tracks - inclusief een akoestische, jazzy versie van 'Ik Laat Me Gaan' - uitstekend in elkaar en klinken ze tien jaar na dato nog altijd fris. Marco Borsato mag zich dan in zijn hit 'Rood' uit 2006 te buiten gaan aan dance-elementen, Sarah deed dat zeven jaar eerder al - en beter.

Luister zelf: 'Wat Ik Wil' (320 kbps, 109 MB - hier een WeTransfer-link. Het album is helaas niet meer verkrijgbaar; met grote dank aan Herman voor zijn uitstekende rip!)

arnold Woensdag 07 April 2010 at 12:10 am | | flashback | Geen reacties
Gebruikte Tags: , ,

Over (paas)eieren

Hier stond eerst een fragment uit het geweldige 'Zeepaardje met een hoed op' van Bas Albers en Gerard Janssen, oftewel de Easy Aloha's. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2006. Niet meer verkrijgbaar - dus raadpleeg bijvoorbeeld Boekwinkeltjes.nl of Bol.com.

Admin Zondag 04 April 2010 at 11:54 am | | overpeinzing | Geen reacties
Gebruikte Tags: ,

Blueberry Hill

Er zijn van die liedjes die al jaren bestaan en dan opeens in een bepaalde uitvoering uitgroeien tot klassieker. 'Blueberry Hill' is zo'n liedje. Iedereen denkt bij dit nummer direct aan zanger en pianist Fats Domino (1928), maar toen hij het opnam was het liedje al een jaar of vijftien oud. Het was in 1940 gecomponeerd door Vincent Rose, Larry Stock en Al Lewis (beter bekend als 'Grandpa Munster' uit de tv-serie 'The Munsters') voor de western 'The Singing Hill' (1941).

Rose, Stock en Lewis probeerden het nummer onder te brengen bij een bekende muziekuitgever. ''We werden afgewezen omdat de blauwe bes volgens die platenbons helemaal niet op heuvels groeide'', herinnerde Larry Stock zich vele jaren later. ''Toen ik zei dat ik als kleine jongen die blauwe bessen zelf daar had geplukt, werd ik uitgelachen. Dus hebben we het nummer bij Chapell ondergebracht. Ik denk dat de desbetreffende platenbaas nu nog steeds spijt heeft.''

Zanger en acteur Gene Autry nam 'Blueberry Hill' als eerste op voor 'The Singing Hill', op de hielen gezeten door Glenn Miller, die er in 1940 een grote hit mee scoorde. Louis Armstrong nam in 1949 een versie op, die in 1956 ook in de hitlijsten belandde. Deze laatste uitvoering inspireerde Fats Domino, die eind 1956 in de studio bezig was met een nieuw album. Toen bleek dat hij niet genoeg nieuwe liedjes had, besloot hij spontaan om 'Blueberry Hill' te coveren. Probleem was alleen dat Fats de tekst niet zo goed kende. Al improviserend slaagde hij er uiteindelijk in om het nummer op te nemen. Producer Dave Bartholomew moest naderhand uit een groot aantal losse flarden een complete versie samenstellen. Hij heeft zijn werk goed gedaan, want het werd Fats' grootste hit, die alle andere 'Blueberry Hills' deed vergeten.

Overigens was de baslijn van de Fats Domino-versie verantwoordelijk voor een andere grote hit: volgens The Doors-toetsenist Ray Manzarek diende het riffje als inspiratie voor 'Light My Fire'. (Uit: 'Top 2000 – volume 2', uitgeverij L.J. Veen, 2009. ISBN 9789020420166. Enigszins herschreven.)

arnold Donderdag 01 April 2010 at 11:20 am | | interessant | Geen reacties
Gebruikte Tags: