Mooie liedjes

[Deze column schreef ik voor 3voor12/Utrecht, in het kader van Borrelnoot, een muzikaal netwerkevent voor en door de Utrechtse muziekindustrie.

Ik ben over het algemeen een vredelievend persoon, doe nauwelijks een vlieg kwaad en knijp slechts heel af en toe een baby. 

Tot nu toe.

De laatste tijd merk ik dat ik steeds vaker mijn zelfbeheersing dreig te verliezen. Baby’s zijn vooralsnog veilig in mijn omgeving, muzikanten niet meer.

In het begin had ik het niet zo door. Sterker nog: ik knikte instemmend en krabbelde enthousiast in mijn notitieboekje. Na het een keer of drie gehoord te hebben (en talloze keren gelezen), viel opeens het kwartje. Wat een ontzettende flauwekul! Poep!

Ik bedoel, dan babbel je wat met – pak ‘m beet – een willekeurige singer-songwriter met een baardje en zo’n lollig gebreid mutsje. En op een gegeven moment vraag je: ‘Waarom maak je eigenlijk muziek? Heb je een boodschap?’ En dan is het bloedserieuze antwoord: ‘Nou nee, ik wil gewoon mooie liedjes maken.’ (Of een variatie op dat thema: ‘Ik wil gewoon leuke muziek maken.’) 

En vanaf dat moment weet je eigenlijk al dat het een interview van niets wordt. Of althans, een interview zoals er al vele miljoenen zijn verschenen en nog zullen verschijnen. Maar ja, dat zeg je dan ook weer niet gelijk en blijf je nog even zitten. Leuke liedjes maken. Pfff… Ja, nee, je wilt stomme liedjes maken. Duh.

Als je dan ook nog te horen krijgt dat ter inspiratie wordt geput uit het dagelijks leven (‘Mijn liedjes gaan vooral over de dingen die ik meemaak, in de supermarkt bijvoorbeeld’), moet ik moeite doen om niet in een erbarmelijk gejammer uit te barsten en de muzikant tegenover me een klap voor z’n kop te geven.

Dus mochten we ooit tegenover elkaar komen te zitten, bedenk dan alvast: waarom maak jij muziek?

Araglin | Zondag 17 Juni 2012 at 12:31 am | Default | 2 reacties

Bultrug

De meeste dieren kennen niet zoveel variatie. Een duif bijvoorbeeld roekoet de godganse dag hetzelfde riedeltje - om helemaal gek van te worden. Tegelijkertijd is het ook wel lekker overzichtelijk. Al gelijk bij de eerste toon weet je: ah, dit is een duif. Of: kijk eens aan, het gesis van een koningscobra - wegwezen. Het zou nogal vervelend zijn als een cobra elke keer een ander geluidje zou maken voordat hij zijn giftanden kordaat en enthousiast in je enkel plant.

Het is dan ook maar goed dat de bultrug, een walvissoort, niet giftig is. Australische onderzoekers ontdekten namelijk dat (mannelijke) bultruggen bijna ieder jaar een ánder liedje ‘zingen’. De wetenschappers vergeleken 775 opnamen van bultruggezang door de jaren heen en uit verschillende gebieden en kwamen tot de ontdekking dat bultruggen liedjes van elkaar overnemen. Zo zongen de walvissen in de buurt van Frans Polynesië in de Stille Oceaan hetzelfde deuntje als hun soortgenoten zes jaar daarvoor aan de Australische westkust (in de Indische Oceaan).

Het is niet zo dat ze spontaan dezelfde liedjes verzinnen. Als bultrogen elkaar tegenkomen bij de jaarlijkse trek (‘Hee, da’s lang geleden! Alles goed?’), bijvoorbeeld in nauwe zeestraten, nemen ze liedjes van elkaar over. En daarbij geldt: hoe meer bultruggen een bepaald liedje zingen, hoe groter de kans dat dit wordt overgenomen door anderen.

“De populatie aan de oostkust van Australië is de grootste in de regio en bestaat uit meer dan 10.000 bultruggen,’’ vertelt onderzoeksleider Ellen Garland van de Universiteit van Queensland. ‘’Puur omdat ze in de meerderheid zijn, oefenen ze meer invloed uit en bepalen ze welke liedjes uiteindelijk ‘aanslaan’.’’ (Bron.)

Hoewel biologen nog altijd aan het soebatten zijn over de vraag of de mannetjesbultroggen nu elkaar of de vrouwtjes toezingen, zijn ze het er over eens dat het bultruglied een belangrijke rol speelt bij de voortplanting: mannetjes gaan een soort zangwedstrijd met elkaar aan, waarna de vrouwelijke bultruggen het gezelschap opzoeken van de bultrug die de meeste herrie weet te produceren.

En als je je afvraagt hoe dit nu allemaal klinkt:

Araglin | Donderdag 05 Mei 2011 at 12:53 am | Default | 2 reacties

Blaffende Beatles

In 1986 zorgde Wim T. Schippers voor wereldwijde ophef met zijn toneelstuk 'Going to the dogs'. Bijzonder was namelijk dat er geen acteurs op het podium rondliepen, maar een groot aantal herdershonden. De honden snuffelden, blaften wat, renden rond, deden een dutje in de hondenmand of keken naar de televisie, waarop ook honden te zien waren.

Volgens Schippers hielden de dieren zich keurig aan een uitgeschreven script (iets complexs over relaties en verdrongen emoties), maar volgens de toeschouwers deden de honden maar wat. Het lijkt mij wel grappig: anderhalf uur naar kwispelende herders kijken (hier een fragment van een bibberende VHS-tape om je enigszins een beeld te kunnen vormen). Politici spraken er schande van en er werden zelfs narrige Kamervragen aan de toenmalige minister van Cultuur gesteld.

Ik moest aan dit toneelstuk denken tijdens het luisteren naar de Beatle Barkers. Dit is namelijk een behoorlijk... tja, eigenaardige lp. Hoewel er op zich niets vreemds is aan een album gevuld met covers van The Beatles, wordt het een ander verhaal als klassiekers als 'I Wanna Hold Your Hand', 'Ob La Di Ob La Da', 'Can't Buy Me Love' en 'A Hard Day's Night' niet worden gezongen, maar geblaft. En dat klinkt bijzonder raar, psychotisch-vervreemdend bijna – vooral omdat de begeleiding (gitaren, drums) nogal keurig overkomt.

Het is overigens niet dat zo iemand jarenlang fanatiek bezig is geweest zijn of haar hond Beatles-liedjes te leren blaffen. Via slim en secuur knip-en-plakwerk zijn alle woefjes en wafjes keurig op hun plaats gezet, en alsof dit alles nog niet genoeg is, wordt het geheel opgeleukt met gekakel van kippen, gemekker van schapen en koeiengeloei. Verantwoordelijk voor deze half uur durende reis naar Dante's Negende Kring van de Hel, is het Woofers and Tweeters Ensemble. Wie hier precies achter schuilgaat is niet bekend, maar het album verscheen in ieder geval in 1968 in Nieuw-Zeeland.

Hoe het ook zij, als je dacht dat je alles al gehoord had, zorgen de Beatle Barkers voor een nieuwe muzikale dimensie. Luister zelf (192 kbps, 44 MB).

Araglin | Dinsdag 22 Februari 2011 at 12:35 am | Default | 1 reactie

Dromen durven delen

Het aardige van Nederlandstalige muziek is natuurlijk dat je direct kunt horen waar het over gaat. En tegelijk is dat eigenlijk ook een groot nadeel, want als artiest val je direct door de mand als je onzin staat te zingen. Hoewel het verkondigen van flauwekul op zich geen probleem hoeft te zijn, als je het maar goed verpakt. De mannen van Bløf hebben dit tot een ware kunst verheven. Ze krijgen echter nu concurrentie van Marco Borsato. Of beter gezegd: van John Ewbank, de man die sinds 1990 verantwoordelijk is voor nagenoeg alle Borsato-hits.
 
Aanvankelijk was er niet zoveel aan de hand. Ik luisterde puur uit nieuwsgierigheid naar het nieuwe Marco Borsato-album 'Dromen Durven Delen' en was daarnaast iets anders aan het doen. Zo tegen het einde van opener 'Dichtbij' spitste ik mijn oren en glimlachte: ''Ik schreeuw het in je oor / Dat ik voor altijd bij je hoor''. Grappig, ik zag het al helemaal voor me.
 
In het tweede nummer  (de ballad 'Als rennen geen zin meer heeft') opent Marco met: ''Als rennen geen zin meer heeft / Dan zal ik naast je staan / Ben je nooit alleen / Als het voor vluchten te laat is / En de goden vallen aan / Als het uur van de strijd is gekomen / En als alles je af word genomen / Dan kom ik en vecht met je mee''. Huh? Ik moest dit drie keer luisteren voordat ik concludeerde er geen bal van te snappen.

Lees verder »

Araglin | Zondag 16 Januari 2011 at 01:34 am | Default | 1 reactie

Halloween 2010

In Amerika is Halloween hét griezelfeest bij uitstek. Typisch Amerikaans, zul je misschien denken. Kinderen die verkleed als spook of een willekeurige andere griezel aanbellen voor snoep. Nu ja, zo heel Amerikaans is het allemaal niet. Halloween is het Angelsaksische restant van het Katholieke Allerheiligen en Allerzielen, dat plaatsvindt op 1 en 2 november. Deze dag werd in 998 door de Abdij van Cluny in Frankrijk ingesteld. De Katholieke kerk deed op zijn beurt weer inspiratie op bij de oude Kelten, die jaarlijks op 31 oktober het einde van het jaar ('Samhain') vierden.

De Kelten geloofden dat op deze avond de grens tussen de 'gewone' wereld en de wereld der geesten vervaagde, en de doden voor de laatste keer hun familie bezochten. Tegelijkertijd zagen allerlei kwade geesten hun kans schoon om af te dalen. Om deze boze geesten te verdrijven, trokken de Kelten afschrikwekkende kleren aan en maakten een hoop lawaai.

De naam 'Halloween' is afgeleid van 'All Hallow's evening', de vooravond van een Ierse heiligenfeestdag; Ieren gingen van deur tot deur en vroegen om voedsel voor een feestmaal – hoe meer je gaf, hoe voorspoediger het nieuwe jaar zou uitpakken. De Ierse en Schotse immigranten brachten in de 19e eeuw hun tradities naar Amerika, waar de verscheidene feestdagen gecombineerd en gemixt werden. Het Amerikaanse Halloween is dus een vreemd allegaartje van folklore en verzonnen gebruiken. Een beetje zoals Sinterklaas diende als inspiratiebron voor zijn aalgladde evenknie Santa Claus.

In ieder geval: mocht je alvast helemaal in de juiste Halloween-sferen willen komen, luister dan naar 'Halloweensounds' van Scott McNulty. Dit album bevat vier tracks ('Haunted', 'Cemetary', 'Nightmare' en 'Spirits') die je ongetwijfeld in de juiste stemming brengen. Lang uitgesponnen ambient klanktapijten, die beelden oproepen van verlaten begraafplaatsen en mysterieuze spookhuizen. Er wordt weliswaar met kettingen gerinkeld, af en toe weerklinkt er onheilspellend klokgebeier en het naargeestige gejammer van de wind is niet van de lucht, maar McNuly slaagt er gelukkig in om grotendeels aan de goede kant van de cheesy-grens te blijven. Luister zelf: 'Halloween Sounds' (256 kbps vbr, 116 MB).

Araglin | Zondag 31 Oktober 2010 at 01:09 am | Default | Reageer

100 X 100

Het is een vraag waar je de meeste muziekliefhebbers behoorlijk onrustig mee maakt: je reist af naar een onbewoond eiland en mag één album meenemen – wat stop je in je hutkoffer? Een onzinvraag natuurlijk, en dat vond Greil Marcus ook. Hij stelde in 1979 de bundel 'Stranded. Rock and Roll for a Desert Island' samen, waarin twintig Amerikaanse popjournalisten zich over deze kwestie bogen.

Op deze vraag zijn tal van variaties mogelijk, maar hoe je het ook wendt of keert, uiteindelijk moet je met één titel over de brug komen (natuurlijk inclusief een uitvoerige motivatie). Het grappige is dat je ruwweg twee soorten antwoorden kunt onderscheiden. Als eerste heb je de muziekliefhebbers die vinden dat je dan het beste album ooit over het eiland moet laten schallen. En dat kan dan van alles zijn, ook iets dat recent is uitgebracht. De tweede groep bekijkt het meer vanuit een nostalgisch oogpunt: niet de beste lp/cd moet mee, maar het album dat een onverwoestbare indruk heeft gemaakt of je muzikale smaak heeft gevormd.

Natuurlijk heb ik mezelf ook de onbewoond-eilandvraag gesteld. Ik heb er een tijdje grondig over nagedacht, maar het lukte me totaal niet om een keuze te maken. Maar omdat ik dat weer vrij stom van mezelf vond, besloot ik een lijst te maken - wat is een muziekliefhebber immers zonder zijn of haar lijstjes? Een top 5 werd een top 10, een top 25 en voor ik het wist zat ik al aan de 50 titels. Albums die stuk voor stuk indruk op me hebben gemaakt en me ontegenzeggelijk hebben beïnvloed. En terwijl mijn lijstje gestaag aan het uitdijen was, belandde ik via het erg leuke initiatief Spotifette op Zanti, het weblog van Peter Zantingh.

Zantingh is het staartje van dit jaar ingegaan met een missie: ''de laatste honderd dagen van 2010 [beschrijf ik] elke dag een dierbaar album in precies honderd woorden. Om de kracht van muziek te kunnen vangen in woorden. Over herinneringen, stukjes leven die erin verstopt zitten.''

Zantingh weeft van zijn favoriete albums een muzikale lappendeken, een autobiografische discografie. En vooralsnog houdt hij het met een bewonderingswaardige ijzeren discipline vol.

Goh, dacht ik, terwijl ik de soms nogal zeer persoonlijke stukjes las, wat een geinig idee - dat ga ik ook doen. Peter vond dit gelukkig geen enkel probleem. En zie daar: een nieuwe rubriek op Araglin.nl! De komende tijd verschijnen er op onregelmatige basis 100 X 100-stukjes op mijn log, waarin ik mijn favoriete albums de revue laat passeren - om op deze manier misschien uiteindelijk te kunnen bepalen welk album mee mag in de hutkoffer...

Araglin | Vrijdag 22 Oktober 2010 at 12:45 am | Default | 2 reacties

Manifest

Zaterdagavond 16 oktober niets te doen?  Kom dan naar Manifest in de ACU te Utrecht. Samen met dj's Reverend Esser en Roac draait ondergetekende de leukste en duisterste hits uit de jaren tachtig, aangevuld met een flinke scheut new wave, gothic rock en synthpop. Wie mij vaker heeft horen draaien, weet dat ik een grondige hekel heb aan een lege dansvloer.

Bereid je dus voor op een lekker stampende set, met klassiekers van onder andere Bauhaus, Indochine, Minny Pops, Pseudo Echo, Killing Joke, OMD en Depeche Mode, en ongetwijfeld komen ook The Cure en The Sisters of Mercy voorbijzetten. Verzoekjes zijn natuurlijk welkom!

Praktische informatie: de deur gaat om 23:00 uur open en de entree bedraagt slechts een luttele 3 euro. De ACU is klein, gezellig en hanteert uiterst schappelijke drankprijzen: Voorstraat 71, 3512 AK Utrecht, op zo'n 10 minuten loopafstand van het Centraal Station.

Araglin | Zaterdag 16 Oktober 2010 at 12:53 am | Default | Reageer

Nederlandse muziekcultuur

Concertje hier en daar, deadlines, vergaderingen, massagecursussen - drukdrukdruk. En dat betekende helaas dat het stof zich op Araglin.nl al enigszins in de hoekjes begon op te hopen. Ik speelde even met de gedachte om voor de vuist weg wat stukjes te tikken over Stichting Brein (die usenetcommunity FTD momenteel het vuur na aan de schenen legt), de onrust over de ACTA-plannen, Apple dat de komst van Spotify naar Amerika geniepig aan het dwarsbomen is of over een of ander onderzoek waaruit blijkt dat downloaden heel goed is voor de muziekindustrie, maar de waarheid gebiedt me te zeggen dat ik het een beetje heb gehad met dergelijke berichten - het is schrijven tegen de bierkaai.

Over één ding maak ik me echter wel enigszins zorgen: de culturele plannen van het nieuwe kabinet. Niet omdat het verkeerd zou zijn het huidige subsidiestelsel eens grondig tegen het licht te houden, maar omdat ik veeleer het gevoel krijg dat er sprake is van 'symboolpolitiek', waarbij middels grote woorden een bloed ruikende achterban tevreden wordt gesteld; orkesten worden opgeheven, concertkaartjes duurder en kunstenaars moeten vooral zichzelf zien te bedruipen (zie ook hier).

Eerder deze week las ik in NRC Handelsblad een ingezonden brief annex artikel van Jörgen van Rijen, solotrombonist en voorzitter van de Artistieke Commissie van het Koninklijk Concertgebouworkest, waar ik me helemaal bij aansluit - net zoals overigens het merendeel van de leden van het Concertgebouworkest. De volledige brief vind je na de cut. Ik ben benieuwd naar je reactie!

Lees verder »

Araglin | Maandag 11 Oktober 2010 at 12:20 am | Default | 1 reactie

Volmaakte onvolmaaktheid

Iemand met een vliegbrevet die vliegtuigen bestuurt, is een piloot. Iemand zonder vliegbrevet, die het vliegtuig door laat stuiteren, is gevaarlijk. Iemand met een vliegbrevet die de kist op gevoel, een beetje onwillekeurig, laat slingeren, is een kunstenaar. Daar komt het ongeveer op neer.

Picasso kon perfect schilderen. Een banaan, een parel met een bos rozen erachter: hij zette het met doeltreffende kwaststreken op een doek van vier bij vier meter. Een dikke discuswerpster, in alle standen, naakt achter een zonnebloem. Picasso deed het geblindoekt simultaan, met twee kwasten in zijn neus. Maar de doeken die van hem in de ogen van kenners een echte kunstenaar maken, staan vol met virtuoos prutswerk. Een vijfhoekige vrouw met driehoekoren, een vierkante gitaar in Pipo de Clown-kleuren. Een piano met vingers.

Als je serieus genomen wilt worden moet je ervoor zorgen dat je werk niet klopt. Serge Gainsbourg was er ook een meester in. Hij schreef prachtige liedjes, maakte strakke arrangementen en liet de beste muzikanten aanrukken. Een bassist speelde virtuoze baspartijen, maar Gainsbourg liet het liedje vaak niet inzingen door een professionele zangeres. Liever werkte hij met zijn fotomodellenvriendin Jane Birkin of zijn dochter Charlotte.

Niks beter dan een ongeschoolde zangeres met een mooie stem, die met moeite een niet zo heel hoge toon haalt. Een klein beetje vals kan pure perfectie zijn. Het menselijke is volmaakte onvolmaaktheid, en andersom. Dus als iets volledig klopt, klopt het eigenlijk niet. Zo is het ongeveer, maar ook weer niet helemaal.

(Uit: 'Zeepaardje met een hoed op' van Bas Albers en Gerard Janssen, oftewel de Easy Aloha's. Uitgeverij Nieuw Amsterdam, 2006. Niet meer verkrijgbaar - dus raapleeg bijvoorbeeld Boekwinkeltjes.)

Araglin | Maandag 04 Oktober 2010 at 11:00 pm | Default | 2 reacties

Halloween (reprise)

Na enkele vingeroefeningen regisseerde en schreef John Carpenter in 1979 de horrorfilm 'Halloween'. Om enkele dollars op het karige budget te besparen, kroop Carpenter achter zijn synthesizer om met een verrassend effectieve soundtrack op de proppen te komen. De film, over de gestoorde moordenaar Michael Myers die ontsnapt uit een gesticht om zijn 'werk' te voltooien, werd een groot succes. 'Halloween' kreeg maar liefst zes vervolgen, lanceerde de carrière van 'scream queen' Jamie Lee Curtis, en zorgde ervoor dat Carpenter opklom tot de bovenste regionen in de Hollywood-hiërarchie.

Voor de score liet de regisseur zich sterk inspireren door de omineuze klanken van Mike Oldfields 'Tubular Bells'; het Halloween-thema kent een vergelijkbaar piano-riedeltje. En zo te horen had Carpenter tevens enkele albums van het Italiaanse Goblin (bekend van hun muziek voor de films van Dario Argento) in de kast staat.

Toch werkt het: de simpele synthesizer-aanzetjes, dissonante akkoorden, het tot vervelens toe herhaalde thema en de aanzwellende lage tonen zorgen voor een naargeestig sfeertje - alsof er elk moment een psychotische, schuimbekkende gek uit de schaduwen kan opduiken om je met een bijl de hersenen in te slaan en vervolgens je schedel leeg te lepelen.

Anno 2010 klinkt de Halloween-score niet bijster origineel meer, maar dat heeft vooral te maken met het feit dat Carpenters aanpak later zo vaak is overgenomen en nagebootst, dat dergelijke klanktapijten bijna gelijkstaan aan slechte horrorfilms uit de jaren tachtig. Maar toch, John Carpenter was een van de eersten die op deze manier te werk ging en de muziek voor Halloween is nog altijd engluister zelf (192 kbps, 46 MB via WeTransfer).

Araglin | Zondag 26 September 2010 at 12:47 am | Default | Reageer